Posts tonen met het label stemkastjes. Alle posts tonen
Posts tonen met het label stemkastjes. Alle posts tonen

maandag 11 februari 2013

Beter lesgeven deel 4

Momenteel ben ik het boek: Teach Like a Champion (door: Doug Lemov) aan het lezen. Het gaat in dit boek om 49 technieken om beter les te geven.

Toen ik de eerste hoofdstukken had gelezen, bedacht ik me allerlei ICT toepassingen die perfect aansluiten bij deze technieken. Inmiddels zijn er al drie blogjes geschreven:

Beter lesgeven deel 1 techniek 1 t/m 5, Beter lesgeven deel 2 techniek 6 t/m 10, Beter lesgeven deel 3 techniek 11 t/m 15

Hieronder de technieken 16 t/m 20, in vrije vertaling, met eigen voorbeelden en aanvullingen. Vul zelf ook gerust aan onderaan deze blogpost.

NB Er is ook een Nederlandse vertaling van Teach like a Champion, hierbij hoort een DVD met voorbeelden van de technieken. Meer informatie vindt u op: www.cedgroep.nl

Techniek 16: Onderdelen van het grote geheel
Instructies zijn vaak onder te verdelen in kleinere stappen. In het onderwijs wordt er vaak gewerkt vanuit het Directe Instructie model, waarbij eerst wordt terug gekeken naar de vorige les, waarna een introductie van het nieuwe onderwerp volgt, gevolgd door 'de nieuwe uitleg'  hierop volgt de fase van begeleide inoefening, waarna leerlingen zelfstandig verwerken. Dit wordt afgesloten met controle vragen (toetsing), waarna een evaluatie en vooruitblik volgt.

Tijdens de voorbereiding van een les is het goed om alvast te bedenken 'waar leerlingen vast zouden kunnen lopen'. Deze bouwstenen zijn een bruikbaar middel om naar terug te grijpen als een leerling vast dreigt te lopen bij het beantwoorden van een vraag.

Het is de kunst om deze instructie snel erbij te kunnen pakken (of op te kunnen schrijven) en deze zo goed mogelijk aan te laten sluiten bij het niveau van de leerling, zodat het net dat stapje verder geholpen wordt om zelf tot het juiste antwoord te komen.

Je wilt leerlingen op weg helpen naar het juiste antwoord, zonder voor te zeggen. Technieken die je kunt gebruiken:

- gebruik een voorbeeld dat lijkt op … 
- plaats in een andere context of geef juist meer context (vooral bij betekenis van woorden handig)
- de regel die de leerlingen hebben geleerd erbij halen (voor spelling handig)
- geef de missende voorinformatie 
- hardop herhalen van het gegeven antwoord aan de leerling. Veelal herstellen ze zichzelf.
- samen foute antwoorden elimineren om tot het juiste antwoord te komen

Opslaan en terugvinden
Een leerling loopt bijvoorbeeld vast bij het uitspreken van een woord, hierbij wordt vaak een regel vanuit de spellingsmethode gebruikt, zoals de 'fopletter r bij -eer -oor - eur'. Veel methoden gebruiken hier hun eigen regels bij. Zorg dat je deze regels bij de hand hebt op je digibord, zodat je ze snel en makkelijk erbij kunt pakken.

Ook bij rekenen kun je de verschillende 'deelstappen' zodanig opslaan, zodat je ze er gemakkelijk bij kunt pakken. Hierbij zorg je voor een goede structuur, zodat je ze gemakkelijk kunt terugvinden. 

Bij spelling maak je een onderverdeling zoals dat ook bij Cito wordt gehanteerd. Je kunt dan deze losse onderdelen gemakkelijk toevoegen aan je totale les.

In veel online toepassingen zoals Gynzy en Prowise zijn deze 'losse onderdelen'  ook op te slaan als favoriet, zodat je ze snel bij de hand hebt.

Techniek 17: Zet ze aan het denken
De leerlingen zoveel mogelijk laten meedenken en mee laten doen! Door de juiste vragen te stellen bijvoorbeeld. Wat moet ik als eerste doen om te weten te komen hoeveel liter water er in het zwembad kan? En wat daarna? Als het zwembad steeds dieper wordt, waar moet ik dan op letten bij mijn berekeningen? Een les waarbij leerlingen en leerkracht zoveel mogelijk samen op reis gaan om kennis en vaardigheden toe te passen en om samen tot de oplossing te komen is een goede les.

Technieken die je kunt gebruiken om meer interactie te krijgen en om het denkwerk te verdelen:
  1. Vragen verdelen in kleinere deelvragen en verdelen of meerdere leerlingen. Om de inhoud te berekenen heb ik drie maten nodig. Noem één van de drie maten , noem er nog één , dan blijft er nog één maat over en dat is:
  2. Voor de helft … Laat de leerlingen je verhaal of zinnen afmaken (aanvullen). Dus als ik de persoonsvorm in een zin wil vinden, dan … 
  3. Wat komt erna? Vraag niet alleen om het product, maar stel ook vragen over het proces. Wat moet ik als eerste doen?
  4. Ik weet het niet? Doe alsof jij zelf het antwoord niet weet. Laat de leerling de leraar spelen
  5. Voorbeelden vragen. Leraren vragen vaak om een voorbeeld te noemen. Probeer daarna ook andere voorbeelden te laten geven dan de standaard vragen. Bijvoorbeeld waarin een woord heel anders gebruikt wordt.
  6. Herformuleren en toevoegen. Hardop denken en een antwoord nog completer laten maken met aanvullingen, zodat er nog een duidelijkere definitie ontstaat.
  7. Waarom en hoe? Vraag steeds hoe leerlingen aan een antwoord gekomen zijn, zodat de denkprocessen goed in gang worden gezet.
  8. Ondersteunend bewijsmateriaal, laat leerlingen argumenten en bewijzen aanvoeren waarom iets waar is of niet.
  9. Batch verwerking. Soms is het goed om als leerkracht een afzijdigere rol in te nemen en leerlingen direct op elkaar te laten reageren, alvorens je de vraag weer naar jezelf terug trekt. In de hogere groepen werkt dit erg goed en zal er meer discussie plaatsvinden.
  10. Discussie en interactie met een duidelijk doel. Als leerlingen veel aan het woord zijn of als leerlingen direct 'aan een taak'  gezet worden en er veel interactie onderling is, wil dat nog niet zeggen dat dit productief is. Als je leerlingen een boek geeft wat je straks gaat behandelen en vraagt om te bekijken en te bespreken waar het boek over gaat, zonder dat leerlingen weten hoe je dat het beste kunt doen (letten op hoofdstukken, de achterkant lezen, etc.) zal er veel tijd verloren gaan. Dan is het beter om eerst de strategie uit te leggen en hen daarna aan het werk te zetten.

Mindmapping en brainstorm tools
Om leerlingen vooraf, tijdens of na een les mee te laten denken kun je gebruik maken van diverse mindmap en brainstorm tools. In een eerder blog hebben we een aantal mindmap programma's op een rij gezet. Een krachtig instrument om te brainstormen is ook www.padlet.com (voorheen www.wallwisher.com) en uiteraard kunnen leerlingen ook verder reageren op een platform als Edmodo of Facebook.

Techniek 18: Controleer of iedereen het snapt
Als leerkracht wil je steeds weten of de leerlingen je nog kunnen bijhouden. Uiteraard zijn er diverse manieren om vragen te stellen aan een groep leerlingen door gebruik te maken van stemkastjes. Ook zijn er inmiddels op internet websites te vinden waarmee je kunt controleren of de leerlingen het nog kunnen bijhouden. Stuur dus bij op basis van verzamelde data.

Meten is weten
Wil je leerlingen snel een antwoord laten geven op een vraag? Gebruik http://mentimeter.com/ om ze te laten stemmen en ze allemaal actief te betrekken.

Wil je uitgebreidere vragen of quizen uitzetten om tussendoor te bepalen of tussendoelen zijn bereikt? Dan kun je gebruik maken van http://www.socrative.com/ of gebruik Google formulieren

Techniek 19: Herhalen, herhalen, herhalen
De tafels leer je niet door ze één keer door te lezen, maar door vaak te herhalen en ze op verschillende manieren aangeboden te krijgen. Hetzelfde geldt voor woordjes leren of het oplossen van bepaalde wiskundige problemen.
  • Zorg dat leerlingen gaan oefenen zodra ze 'het alleen kunnen' 
  • Zorg voor een gevarieerd aanbod om de herhalingen niet saai te maken
  • Zorg voor differentiatie, sommige leerlingen leren sneller dan anderen en moeten ook uitgedaagd blijven.

Educatieve software en websites
Een goed voorbeeld om woordjes te leren is de website en de app WRTS (http://netwijs.blogspot.nl/2011/04/engelse-woorden-leren-met-wrts.html
Zorg voor voldoende variatie bij het aanleren van bijvoorbeeld de tafels van  vermenigvuldiging. In onze orthotheek hadden we de tafels van vermenigvuldiging op audio cd, voor leerlingen die het beste leren door muzikale ondersteuning. We metselden tafels in Ambrasoft, maar er kon ook geoefend worden met Hoofdwerk op USB stick thuis. Tegenwoordig is er ook de Rekentuin: http://netwijs.blogspot.nl/2010/11/rekenen-met-de-rekentuin.html

Techniek 20: Eindvraag
Eindig je les met een finale vraag. Hoeveel procent van de leerlingen had deze vraag goed? Welke fout hebben de leerlingen die de vraag niet goed hebben beantwoord gemaakt?
Op deze manier heb je een mooie afsluiting van je les en ook direct weer een opening voor de volgende les. Je kunt terug grijpen op deze finale vraag bij het begin van de volgende les.

Deze finale vraag moet dan wel de kern bevatten van wat je hebt behandeld. Door dit digitaal te doen heb je vrijwel direct de uitslag. Zie ook techniek 18.

Heb je ook nog toevoegingen of suggesties? Plaats ze hieronder als reactie!

maandag 13 augustus 2012

Microsoft Interactive Classroom


Interactief lesgeven, wie wil dat nou niet? Bezitters van Office 2007 en 2010 kunnen gebruik maken van Microsoft Interactive Classroom, een plug-in voor PowerPoint en OneNote (een programma waar je makkelijk notities mee kunt maken). Met Microsoft Interactive Classroom kan je je klas via PowerPoint vragen stellen en laat je je leerlingen deze vragen beantwoorden via OneNote. Bovendien worden alle aantekeningen van de leerkracht direct op het scherm van de leerling getoond, en kan de leerling daar zelf ook nog aantekeningen aan toe voegen.

Hoe werkt het voor de leerkracht?
Na de installatie verschijnen er in PowerPoint en OneNote een extra tabblad “Academic”. Op dit tabblad zijn diverse eenvoudige maar doeltreffende opties te vinden. Zo is er de mogelijkheid om multiplechoice vragen te maken. Met één klik op de knop verschijnt er een makkelijk aanpasbaar sjabloon waar de vraag plus de verschillende antwoorden ingevuld kunnen worden. Op deze manier zijn er ook “ja/ nee” en “waar/ niet waar” vragen te maken. Per vraag kunnen de antwoorden ook grafisch weergegeven worden in een staaf- of cirkeldiagram. Ook kan er per vraag een timer worden toegevoegd. Leerlingen hebben dan een bepaalde tijd om de vraag te beantwoorden. 

 
Wanneer je klaar bent met het maken van de vragen die je wilt stellen aan je klas klik je op “Start Session”. Er verschijnt een pop-up en je ziet de naam van de sessie (de naam van je PowerPoint bestand) waar je leerlingen zo dadelijk aan gaan deelnemen. Eventueel kan je een wachtwoord opgeven, zodat je weet dat alleen de leerlingen in jouw klas aan de sessie deelnemen.



Hoe werkt het voor de leerlingen?
Zodra de leerkracht de sessie start, kunnen leerlingen deelnemen aan de sessie in OneNote. Ook zij hebben een tabblad “Academic”. Op dit tabblad klikken zij op “Join Session”. Vervolgens kunnen zij de verschillende vragen beantwoorden. Aantekeningen van de leerkracht komen automatisch in het scherm van de leerling. Daarnaast kan de leerling ook nog zelf aantekeningen maken en opslaan.



Waarom zou ik op deze manier willen lesgeven? 
Werken met Microsoft Interactive Classroom is grotendeels hetzelfde als werken met stemkastjes. In o.a. dit blog is daar al uitgebreid op ingegaan.  Enkele belangrijke voordelen zijn:
  • Microsoft Interactive Classroom is eenvoudig in gebruik.
  • Leerlingen zijn meer betrokken. Elke vraag wordt door iedereen beantwoord, je komt dus altijd aan de beurt.
  • Het antwoorden gebeurt anoniem, dit betekent dat ook leerlingen die het normaal gesproken eng vinden om een vraag te beantwoorden, dat nu gewoon kunnen doen.
  • Directe feedback. Leerlingen hoeven niet te wachten tot hun werk is nagekeken, maar zien na elke vraag wat goed en wat fout is.
  • Zowel de aantekeningen van de leerkracht als die van de leerling blijven bewaard. Een leerlingen krijgt altijd de aantekeningen van de leerkracht te zien in zijn of haar eigen OneNote bestand. Hierbij kan de leerling ook nog eigen aantekeningen maken.
Als nadeel kan gezien worden dat alle leerlingen een eigen computer tot hun beschikking moeten hebben. Daarnaast werkt Microsoft Interactive Classroom werkt alleen binnen één netwerk.

Wilt u meer weten? Neem vrijblijvend contact op voor vragen, advies, ondersteuning, aanschaf of een inspirerende workshop om alvast op verkenning te gaan: Bel 0348 - 44 69 63 of maakt gebruik van het contactformulier. Een van onze onderwijsadviseurs neemt dan zo snel mogelijk contact met u op. 

maandag 25 juni 2012

Beter lesgeven...

Momenteel ben ik het boek: Teach Like a Champion a Champion (door: Doug Lemov) aan het lezen. Het gaat in dit boek om 49 technieken om beter les te geven.

Toen ik de eerste hoofdstukken had gelezen, bedacht ik me allerlei ICT toepassingen die perfect aansluiten bij deze technieken.

Hieronder de eerste 5 technieken,  in vrije vertaling, met eigen voorbeelden en aanvullingen. Vul gerust aan.


Techniek 1: Iedereen doet mee! 
Als een leerling een antwoord geeft als: "Ik weet het niet", zou je de neiging kunnen hebben om naar een andere leerling door te gaan die het juiste antwoord wel weet te geven om vervolgens niet terug te keren naar de leerling die het antwoord: "Ik weet het niet"  gaf. Op deze manier is de eerste leerling afgehaakt. Belangrijk is deze leerling opnieuw te activeren en het antwoord te laten herhalen in zijn volledige context, zodat iedereen meedoet.

Stemkastjes
Door het gebruik van stemkastjes moet iedereen meedoen en kun je als leerkracht direct zien welke leerlingen nog geen antwoord hebben gegeven. 

Techniek 2: goed is goed en fout is fout en niet 'bijna goed' …
Als een leerling het antwoord op een vraag formuleert en het is nog niet helemaal juist, ben je geneigd om als positief ingestelde leerkracht te zeggen: "Bijna goed" of je vult het juiste antwoord zelf aan. Beter is om door te vragen totdat de leerling het juiste antwoord zelf geeft.

Digibordsoftware
Door gebruik te maken van vragen en antwoorden op het digibord met de juiste antwoorden exact geformuleerd, maar die zijn afgedekt kun je voorkomen dat de bijna goed situatie ontstaat. Ga je nog een stap verder en gebruik je bijvoorbeeld speciale tools van digibordsoftware die alleen maar het juiste antwoord accepteren is deze techniek snel toe te passen zoals bijvoorbeeld de Activity Toolkit van Smart.

Techniek 3: Oprekken en toepassen
Als een leerling het juiste antwoord geeft, laat de leerling dan uitleggen hoe de leerling tot het juiste antwoord is gekomen. Vraag door, zodat 'het goede antwoord'  ook in andere situaties toegepast kan worden.

ICT voorbeeld met digibord
Leerkracht: Kun je een zin maken met het woord: boei?
Leerling: Daar ligt een boei
Leerkracht: Kun je nog een woord toevoegen, zodat we nog beter weten wat een boei is en waar we die tegen kunnen komen?
Leerling: Daar ligt een boei in het water.
Leerkracht: Dat zegt inderdaad al meer over een boei, kun je nog iets meer over de boei vertellen in de zin en nog wat bijvoegelijke naamwoorden toevoegen die iets meer zeggen over de boei?
Leerling: Daar ligt een oranje wit gestreepte boei in het water.
Leerkracht: Goed gedaan! Nu weten we wat een boei is, kun je die nog opzoeken op internet en invoegen bij je zin?
Leerling: Gaat naar het digibord en zoekt op Google naar het woord: boei 

Techniek 4: Opmaak, stijl en interpunctie doen ertoe!
Natuurlijk verbeter je als leerkracht verkeerde werkwoord vervoegingen, probeer je leerlingen dialect af te leren, zodat leerlingen goed Nederlands leren gebruiken.

Als een leerling een antwoord geeft met daarin grammaticaal onjuist taalgebruik, dan geef je eerst aan dat er 'iets aan de hand is met deze zin'.

Voorbeeld: Hij loopte langs de bakker. Herhaal de zin: Hij loopte langs de bakker?
Als de leerling niet direct doorheeft dat er iets mis is met deze werkwoord vervoeging begin je de zin met de verbetering en laat je de leerling de zin in zijn geheel juist afmaken:
Hij liep …

Digibord: Spelling controle of handschriftherkenning
Als leerlingen het antwoord op het digibord schrijven of typen, komt er vanzelf een rode streep te staan onder woorden die niet goed zijn getypt. Woorden die niet goed zijn geschreven worden ook niet juist omgezet van handschrift naar tekst.

Techniek 5: Pimp je les, niets is saai!
Alle lessen zijn interessant! Leerlingen merken aan de leerkracht als je ergens niet achter staat. Door uitspraken te doen als: "Deze begrijpend lees les is eigenlijk saai, maar we moeten deze les nu eenmaal doen.",  krijg je een zelf vervullende profetie en wordt de les ondanks alles wat je erna nog gaat vertellen ervaren als saai.

Als leerboeken eigenlijk aan vervanging toe zijn, maar er nog geen budget voor is, kun je als leerkracht ervaren dat je niet volledig staat achter deze materialen en dus alles uit de kast moet halen om de les interessanter en aantrekkelijker te maken voor de leerlingen.

Pimp je les! Maak de les leuk en interactief met je digibord!
Maak gebruik van digitale bronnen of lessen in je digibordsoftware voor juist die vakgebieden waarbij het doel van de les niet voldoende meer uit de verf komt door gebruik te maken van 'de verouderde methode'. Zoek de doelen van de les op en maak je eigen les of ga op zoek naar een les van een collega dit dit onderwerp al heeft uitgewerkt in een Powerpoint of digbordsoftware.

Misschien post ik of één van mijn collega's de volgende 5, of ... als er nog meer bloglezers zijn, wie wil de volgende 5 voor zijn rekening nemen?

dinsdag 1 november 2011

Stemkastjes in je les: meerwaarde of niet?

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Stemkastjes in je les: meerwaarde of niet?”  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Terwijl het digitaal stemmen in de politiek nog steeds een heikel punt is, wordt er in het onderwijs steeds meer gebruik van gemaakt. Geen discussies over de mogelijkheid om te hacken, privacy-issues of betrouwbaarheid van de uitslag. Focussen op de inhoud: wat is de meerwaarde van het laten stemmen van leerlingen tijdens de les?

Toch nog heel even ove de privacy van, in dit geval, de leerlingen: Hoewel dit natuurlijk van een heel andere orde is dan bij bijvoorbeeld landelijke verkiezingen, moet je als school hier wel over nadenken. De beschikbare mogelijkheden om leerlingen te laten stemmen, bijvoorbeeld via stemkastjes behorend bij het digibord, bieden vaak de mogelijkheid om te kiezen tussen anoniem stemmen en stemmen op naam. In dat laatste geval worden de keuzes die de leerlingen maken dus vastgelegd op naam. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer een toets gedigitaliseerd is en deze dus digitaal wordt afgenomen. Laat je in zo’n geval, bijvoorbeeld bij de nabespreking, leerlingen zien wie wat heeft gekozen? Of houd je die informatie voor jezelf? Dat vraagt om een pedagogische keuze, die overigens ook geldt voor schriftelijk gemaakt werk van leerlingen.

Een bijkomende vraag is waar de resultaten worden opgeslagen. Een leerlingvolgsysteem is vaak beveiligd met een wachtwoord. Bij de software die het mogelijk maakt om digitaal te stemmen is dat vaak niet het geval. Goed om dus eens na te gaan waar de resultaten worden opgeslagen en of leerlingen daar bij kunnen.

Dan naar de inhoud: Heeft het een meerwaarde? Ja zegt de één, nee zegt de ander. Het is een optelsom van allerlei factoren. Per school en zelfs per leerkracht zal de uitkomst van die som anders zijn. We geven een opsomming van argumenten zonder volledig te willen zijn:

Betrokkenheid
Als eerste wordt vaak genoemd, dat het een uitstekende manier is om alle leerlingen te betrekken bij de les. Als de leerkracht een vraag stelt, kan iedereen antwoorden en niet alleen de leerling die de beurt krijgt. En daarbij: ook de leerlingen die hun vinger niet willen opsteken of die dat niet durven, worden via stemkastjes toch erbij betrokken. Elke leerling wordt zo aan het denken gezet en gevraagd een standpunt in te nemen. Leerkrachten zien hierdoor een betere betrokkenheid en meer motivatie bij de leerlingen tijdens de les.

Motivatie
Wat de motivatie betreft, is de andere zijde, dat ook dit middel vraagt om doordachte inzet. Zou je leerlingen bij elke les overal over laten stemmen, dan verdwijnt de motivatie en het effect. De kracht zit dus mede ook in de afwisseling in werkvormen. Motivatie is dus een tweede positieve factor, mits de leerkracht ook daadwerkelijk zorgt voor afwisseling.

Directe feedback
Meestal biedt de software bij de stemkastjes de mogelijkheid om direct de uitslag weer te geven. Leerlingen zien dus direct het resultaat en als leerkracht kun je vervolgens direct ingaan op de vraag waarom de ene keuze wel en de andere niet goed was. Ook onderling kunnen leerlinge hierover in discussie gaan.

Interactie op hoger niveau
Het inzetten van stemkastjes kan ook leiden tot een verdieping in de interactie. Dit is uiteraard wel afhankelijk van de wijze waarop de stemkastjes worden ingezet. Door leerlingen eerst een keuze te laten maken en dus een standpunt te laten innemen, kun je vervolgens ingaan op onderliggende argumenten. Interessant is vervolgens of het gesprek tussen leerlingen over deze argumenten ook leidt tot een andere keuze wanneer de vraag opnieuw wordt gesteld. Ook daar kan dan weer op in worden gegaan door de leerlingen te vragen waarom ze hun keuze hebben veranderd.
Als idee kwam nog voorbij om stemkastjes ook eens per groepje in te zetten in plaats van individueel. Leerlingen moeten dan dus eerst met elkaar overleggen en dan een gezamenlijke keuze maken. Je verplaatst dan de discussie van ná het stemmen naar vóór het stemmen. Het vraagt van de leerlingen wel enige vaardigheden, zoals het goed naar elkaar kunnen luisteren, zachtjes overleggen, respect voor elkaars mening, enzovoort.

Hoger leerrendement
Omdat leerlingen directer en actiever betrokken zijn en vanwege de directe feedback-mogelijkheden zijn leerlingen intensiever met de leerstof bezig en zal het leerrendement hoger zijn.

Tijdwinst
Een volgende positief argument zou kunnen zijn, dat de leerkracht er tijd mee wint. Dat vraagt wel om lange termijn-denken. In de voorbereiding zal een leerkracht meer tijd kwijt zijn, met name bij het digitaliseren van toetsen en dergelijke. De winst zit vervolgens in het feit, dat het nakijkwerk automatisch wordt gedaan en dus bijna geen tijd meer kost. Daarnaast is in volgende jaren het gemaakte materiaal opnieuw te gebruiken en is er dus minder voorbereiding nodig. In eerste instantie zal er echter geïnvesteerd moeten worden in het maken van de vragen en het instellen van de software. Uiteraard hangt de voorbereidingstijd mede ook af van de vaardigheden van de leerkracht. De één zal sneller een digitale vragenlijst of toets hebben gemaakt dan de ander. Daarnaast vraagt ook de techniek zelf van de één meer dan van de ander. Binnen de school zal daar aandacht voor moeten zijn.

Tijdens de discussie werd ook de vraag gesteld of je het frontaal klassikaal lesgeven niet stimuleert, net zo als dat voor het gebruik van een digibord geldt. Een terechte opmerking. Het hangt van de leerkracht af in hoeverre dit ook echt een gevaar is. Wil je niet frontaal klassikaal lesgeven, dan zul je op een andere manier met je middelen om moeten gaan. Dat vraagt dus om bewustwording, om keuzes maken en om didactische vaardigheden.

Zoals gezegd: elke school zal op basis van bovenstaande en eventuele andere factoren, bijvoorbeeld de financiën, een afweging moeten maken. Op het punt van de financiën werd de suggestie gedaan om de vragen uit methodewerkboekjes te digitaliseren en de leerlingen dan te laten stemmen. Zo hoeven ze de werkboekjes dus niet te gebruiken om te schrijven en zijn ze dus opnieuw te gebruiken. Daarmee bespaar je dus kosten. Of de uitgevers daar blij mee zijn en of je daarmee geen auteursrechten schendt is natuurlijk maar de vraag …

Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog of via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:

@rinusd, @Netwijs , @GUPAGEBO , @margreetpols , @HannekeMeinen , @JufBica , @RonTriCee , @Sjaboepaan , @NathanvdVelde , @pbkoning71 , @FZelders , @JongbloedEdu

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!

#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.00 uur en 13.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

maandag 3 oktober 2011

Interactief lesgeven met verschillende devices

Interactief lesgeven met behulp van een platform onafhankelijk response systeem
In het kader van opbrengstgericht werken en interactiever lesgeven heb ik onderzocht welke mogelijkheden  er zijn om een tablet of ander device in te zetten als response voting system (stemkastje). Ik ben er meerdere tegengekomen en degene die me het meest aansprak was het systeem van Turning Technologies.


Bring your own device
Of je nu de stemkastjes van Turning Technologies gebruikt, een gratis iPad of Android applicatie downloadt, of de website bezoekt om te stemmen, je kunt altijd deelnemen aan de sessie door de unieke code in te voeren. Hierdoor hoef je als school niet voor elke leerling een stemkastje aan te schaffen. Volgens het uitgangspunt ´Bring your own device´ kunnen leerlingen op hun eigen telefoon meedoen tijdens de les. Voor de vooruitstrevende scholen die overwegen om tablets aan te schaffen, is dit ook zeker het onderzoeken waard.

In de praktijk
Om de set uit te testen ben ik naar groep 5 van De Wegwijzer in ’s-Gravenzande geweest, waar ik een woordenschat les uit de methode heb uitgewerkt in een Powerpointpresentatie. Vooraf had ik het gratis programma TurningPoint 2008 geïnstalleerd. Dit programma voegt een knop toe aan het lint van PowerPoint, waarin de vragen worden gemaakt. De vragen zijn zo geformuleerd, dat de leerlingen de stemkastjes kunnen gebruiken. De beginvragen van de woordenschatles bleken iets te makkelijk te zijn, maar dit was ook wel weer mooi om te wennen aan het stemmen.

De kinderen kregen de beschikking over:
  • 20 ResponseCards in de eenvoudigste vorm met LCD display, waarmee ze kunnen stemmen met ja/nee, waar/niet waar, 1 t/m 10 of A t/m J.
  • 1 ResponseCard waarmwee ook open vragen beantwoord kunnen wroden
  • 1 iPad met de gratis app van Turning Technologies
  • 1 Samsung Galaxy smartphone met de gratis app  
  • 3 pc's waarmee leerlingen gebruik konden maken van de website www.rwpoll.com

De Response Cards werkten allemaal met behulp van een draadloze verbinding met de computer waarop de antwoorden geregistreerd werden. De verbinding met de iPad, de Samsung en de drie computers achter in de klas verliep via internet.

Het duurde de eerste keer vrij lang voordat alle leerlingen gestemd hadden, logisch natuurlijk, want de leerlingen moesten nog even wennen aan het stemmen. Dit ging de keer erna beter en met het 'aftelmechanisme' werden alle leerlingen gedwongen binnen de tijd te stemmen. Opvallend was dat de leerlingen met de Samsung Galaxy en de iPad de vragen het snelst beantwoordden. Blijkbaar konden zij deze apparaten snel bedienen.
Op de pc’s achter in de klas ervoeren we soms enige vertraging met het weergeven van de vragen. De Responsecards reageerden ook niet altijd even snel, waardoor het toch soms nog relatief lang duurde voordat alle antwoorden binnen kwamen.

Toch waren de leerlingen enthousiast. We ontdekten heel snel dat veel leerlingen niet wisten wat het woord ‘peinzen’ betekende en dat ze de overige onderdelen al heel goed beheersten. Hier kan je als leerkracht direct op inspelen.
De leerkracht van de groep waar ik de gastles verzorgde merkte op dat het best wat tijd kost om een dergelijke les voor te bereiden. Eigenlijk deel je nu je tijd als leerkracht anders in. De tijd die je normaal gesproken zou steken in het nakijkwerk, steek je nu in je voorbereiding, want door het stemmen wordt alles al geregistreerd. Daarnaast kun je direct reageren en anticiperen op de uitkomsten en geef je effectiever les.

Bijeenkomst ICT coördinatoren WSKO
Tijdens een inspiratiesessie over de toekomst van ICT voor alle ICT coördinatoren van WSKO op ons kantoor in Woerden, hebben we de stemkastjes ook ingezet. Je zag direct de betrokkenheid van de deelnemers groter werd toen om hun mening werd gevraagd. Dat levert meer interactie op basis van de gegenereerde gegevens op en het biedt stel je de mogelijkheid om vragen te stellen over de scores. Ook hier hebben we ervaren dat het soms enige tijd duurt voordat alle stemmen zijn doorgekomen. Toch onderkenden de meeste ICT coördinatoren de meerwaarde van een dergelijk systeem.