Posts tonen met het label implementatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label implementatie. Alle posts tonen

dinsdag 15 maart 2011

Uitdagingen rond ICT in het Voortgezet Onderwijs

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Onderwijs met ICT in het VO. Wat zijn de uitdagingen?” In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Het Voortgezet Onderwijs is wat betreft organisatie en inhoud wezenlijk anders dan het Primair Onderwijs. Hoewel er zeker ook overeenkomsten zijn m.b.t. Onderwijs en ICT, zijn er ook de nodige verschillen te benoemen. Wat zijn die verschillen en wat zijn de specifieke uitdagingen waar het VO voor staat?

Een belangrijke gezamenlijke uitdaging voor het PO en VO is onderlinge aansluiting. Welke vaardigheden worden in het VO van leerlingen verwacht en hoe kan het PO hen daar op voorbereiden? Wie doet wat? Daarover bestaat veel onduidelijkheid. Dat maakt het voor beiden lastig om op voort te borduren.

Ook in het VO begint het met Visie op Onderwijs en de rol die ICT daar vervolgens in speelt. Die visie is vaak onduidelijk en het beleid te vrijblijvend. Het Vier in Balans-model is wat dat betreft universeel. Wat willen we en gaan we dat doen? En hoe voorkomen we, dat wel allemaal laptops aanschaffen voor de leerlingen, die korte tijd later nauwelijks meer gebruikt worden, zoals onlangs te lezen viel in de Telegraaf?

Als we kijken naar de infrastructuur, dan hebben veel VO-scholen de computers in centrale ruimten en/of computerlokalen staan. Ook de aanwezigheid van digiborden of beamers verschilt per lokaal. Voor docenten is dat dus een variabele waardoor het lastiger is dan in het PO om ICT in je lessen een concrete plaats te geven. Een belangrijke uitdaging is dus om de faciliteiten per lokaal te standaardiseren. Dit biedt de docenten zekerheid en het kost ze minder tijd in het zelf klaarzetten van de apparatuur. Ook roostertechnisch zou bekeken kunnen worden in hoeverre het mogelijk is om met meer vaste lokalen te werken.

Wat betreft de materialen zijn veel docenten zoekende naar goede materialen, die aansluiten bij hun methoden. Uitgeverijen spelen hier wel op in, maar vaak zijn die digitale materialen minder geschikt voor klassikaal gebruik en meer gericht op de verwerking. En al zou het geschikt zijn voor tijdens de les, dan is het probleem opnieuw de infrastructuur, want vaak zijn er geen computers beschikbaar voor de leerlingen zelf en, zoals eerder gezegd, zijn ook niet in alle lokalen digiborden of beamers aanwezig.
Ook gratis is er veel beschikbaar. De kunst is alleen om in het overweldigende aanbod dát materiaal te vinden, dat voor jou als docent bruikbaar is.
Overigens hoeft het niet altijd vast te zitten op de beschikbaarhied van digitale lesmaterialen. Geef leerlingen bijvoorbeeld de ruimte om op een creatieve manier met een web 2.0-toepassing een leuke presentatie te geven. Laat leerlingen daar zelf ook in meedenken en geef ruimte voor hun ideeën. Maak ze mede-eigenaar van het onderwijs dat ze krijgen.

Wanneer er duidelijk beleid is en op basis daarvan ook de infrastructuur ingericht is en er voldoende digitaal materiaal beschikbaar is, komen we bij de docent zelf. Wil en kan deze ICT een plek geven binnen zijn of haar onderwijs en zo niet, wat wordt er gedaan om dat te veranderen?
Docenten moeten daarin elkaars kwaliteiten en creativiteit leren ontdekken. Tijd maken om elkaar enthousiast te maken en aan ideeën te helpen. Met elkaar ervaren wat de voordelen zijn. Zorg voor een goede uitwisseling binnen de eigen vakgroep. Bezoek samen eens een voorbeeldschool. Denk ook eens aan de faciliteiten, die Kennisnet daar voor biedt. Wellicht binnen elke vakgroep een ict-coördinator aanstellen?

Tot zover het verslag van de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen, maar heb je wel waardevolle aanvullingen, opmerkingen of interessante links? Plaats jouw reactie onder deze blogpost.

Op discussiedinsdag.yurls.net vind je van alle discussies de bijbehorende interessante aanvullende links, die genoemd werden tijdens de discussies. Heb je zelf een suggestie voor een interessant onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @tboutkan , @ronnyvoorhuis , @myrandreas , @BorisBerlijn , @mariekemove , @JannekeGielisse

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

dinsdag 19 januari 2010

De implementatie van digitale schoolborden

Het onderwerp van vandaag op Discussie Dinsdag betrof de implementatie van digitale schoolborden. In deze blog een samenvatting van de discussie, aangevuld met onze eigen ervaring.

De implementatie van digiborden is iets, dat tijd vraagt. Veel scholen en leerkrachten onderschatten dat, voordat ze er aan beginnen, maar ook als de borden er eenmaal hangen. Er worden soms overhaast allerlei stappen gezet, zonder dat het proces goed is doordacht.Gaandeweg lopen leerkrachten er tegen aan dat ze bepaalde vaardigheden niet hebben, de software niet goed genoeg kennen of de juiste materialen niet kunnen vinden. Er heerst vaak veel onzekerheid bij leerkrachten. Goede ondersteuning is daarom van groot belang. Daarvoor moet je zeker twee jaar uittrekken. Dit is ook mede afhankelijk van de algemene ict-vaardigheden van de leerkrachten. Rond het digibord komt ineens heel veel bij elkaar. Je krijgt een soort confrontatie met jezelf.

De implementatie van de digitale schoolborden moet goed worden aangestuurd door de ict-coördinator, de directeur en de intern begeleider. Kernwoorden daarbij zijn: bewustwording, scholing, veel oefenen, niet overhaasten, samenwerking, uitwisseling, intervisie, goede voorbeelden.

Tips voor scholen, die digitale schoolborden gaan aanschaffen:

  • Het begint met kennis en ideeën over didactiek, passend bij je leerlingen. Dat moet je als team al weten. Formuleer eerst je visie op onderwijs en op ict. Laat je daarbij ondersteunen door deskundigen.
  • Het digibord is een hulpmiddel en geen doel op zich!
  • Oriënteer je goed! Laat je goed voorlichten en zoek welk bord past bij wat je wilt, bij je visie dus. Kijk daarbij ook alvast vooruit naar eventuele aanvullende software en materialen. Misschien ben je er nu nog lang niet aan toe, maar over een paar jaar wel. Het is jammer om dan tegen beperkingen aan te lopen, die te voorkomen waren.
  • Denk na of je de borden gefaseerd aanschaft en invoert of meerdere in één keer. Beide hebben voor- en nadelen.
  • Denk na over de groepen waar je mee wilt beginnen. Houdt daarbij je visie voor ogen!
  • Laat ervaren mensen een inspirerende demonstratie geven voor de leerkrachten, zodat deze vooraf al een goed beeld hebben van wat je er mee kunt.
Tips voor scholen, die de borden al hebben:

  • Zorg, voor een verplichte scholing voor alle leerkrachten, aansluitend bij hun niveau en gericht op de praktijk, aansluitend bij je eigen situatie. Wat je vandaag leert moet je morgen kunnen toepassen.
  • Breng in kaart waar je nu staat als school via een nulmeting of met bijv. WMKPO
  • Laat elke leerkracht een Persoonlijk Ontwikkelings Plan maken gericht op de inzet van het digibord.
  • Werk met een maatjes-systeem: koppel een wat vaardiger leerkracht aan één die wat minder vaardig is en laat ze samenwerken. Laat de zwakste schakel niet het algemene tempo bepalen.
  • Laat elkaar als collega’s zien wat je doet en wat je hebt ontdekt. Samen delen dus, al dan niet op een vast tijdstip.
  • Meestal kan de software ook door leerkrachten thuis worden geïnstalleerd. Dat geeft de mogelijkheid om ook thuis te kunnen oefenen en lessen voor te bereiden.
  • Begin eerst met nadoen wat je nu al doet met andere middelen. Daarmee baken je het af en maak je het behapbaar.
  • Schakel leerlingen in. Leerlingen pakken de dingen snel op. Maak daar gebruik van door kinderen het aan andere kinderen te laten voordoen en aanleren.
  • Trap niet in de valkuil van het weer frontaal klassikaal gaan lesgeven.
  • Vraag een leerkracht eens welke 3 dingen uit de huidige onderwijspraktijk hij/zij straks hoopt te kunnen met het digibord. Beperk het uitproberen en onderzoeken dan eerst tot die 3. Anders ga je ten onder in de vele mogelijkheden.
  • Gebruik het bord ook bijv. tijdens een onderwijsleergesprek om wat wordt gezegd te visualiseren en te ordenen.
Een concreet voorbeeld:

Hoe zet je het digitale schoolbord in voor Woordenschatontwikkeling bij kleuters?

Tips van de deelnemers:
  • Laat leerlingen foto's maken of afbeeldingen zoeken van woorden die te maken hebben met het thema waar je over werkt. Het liefst door leerlingen zelf gemaakt. Daar kun je dan later nog een beeldverhaal van laten maken. Leerlingen over de foto's laten vertellen.
  • Allerlei voorwerpen en begrippen zijn heel goed visueel te maken op het bord. Deze begrippen kun je eenvoudig herhalen, omdat je kunt bladeren in je les en je les ook kunt bewaren. Daarnaast is het niet moeilijk om het begrip in andere contexten te plaatsen. Heb je het over een stoel, dan kun je allerlei plaatjes laten zien van stoelen in allerlei soorten en maten. Visueel maken en herhaling zijn bij woordenschatontwikkeling van wezenlijk belang. Het digibord is daarbij een geweldig hulpmiddel.
  • Gebruik het digibord zoals je vroeger het flanelbord gebruikte.
  • Ga niet krampachtig ineens alles op het digibord doen. Laat kinderen ook bijv. poppenkast spelen. Daar komen weer allerlei andere vaardigheden aan bod, die minstens zo belangrijk zijn.
In de discussie kwamen enkele interessante onderzoeken naar voren. Deze zijn te vinden via discussiedinsdag.yurls.net in het blokje van 19 januari.

Wilt u ook meediscussiéren over Onderwijs en ICT? Wekelijks vindt op dinsdag via Twitter een discussie plaats over Onderwijs en ICT onder de naam Discussie Dinsdag. Met de hashtag #netwijs kan iedereen de discussie volgen en daar aan meedoen.

woensdag 18 maart 2009

Onderzoeksrapportage digiborden

In opdracht van de Stichting voor Christelijk Primair Onderwijs Centraal Twente heeft de Universiteit van Twente onderzoek gedaan naar de manier waarop de digiborden op de scholen van de Stichting gebruikt worden. Het is een uitgebreid rapport geworden waarin bijvoorbeeld veel aandacht wordt besteed aan de succesfactoren. Een van de conclusies is dat ook na een jaar nog veel aandacht nodig is voor voortgaande scholing en dat het interactief gebrtuik van het bord sterk afhankelijk is van de individuele leerkracht. Tot een verandering van onderwijsvisie heeft het gebruik van het bord op deze scholen niet geleid.



Op leraar24 staat een filmpje waarin het onderzoek wordt toegelicht.

Digiborden in het primair onderwijs

Het digitale schoolbord doet haar intrede. Al meer dan 60% van de scholen voor primair onderwijs heeft er één of meer hangen. Kennisnet heeft een brochure gepubliceerd waarin wordt ingegaan op de onderwijsinhoudelijke invoering van het digibord.