Posts tonen met het label digitale lessen maken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label digitale lessen maken. Alle posts tonen

dinsdag 22 mei 2012

Content máák je niet, die kóóp je!


Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Content máák je niet, die kóóp je!”. In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Het onderwerp ‘digitale content’ blijft de gemoederen bezig houden. Vaak met een wisselende aanleiding. Nu speelt het weer volop in het kader van de discussies over het Bring Your Own Device-principe (BYOD). Welk materiaal ga ik daar dan voor beschikbaar stellen en hoe kom ik daar aan?

Ook tijdens eerdere discussies is het onderwerp al eens voorbij gekomen. Om het geheugen op te frissen even de links op een rijtje:
Wat vaak in discussies over content en content maken terugkomt, zo ook vandaag, zijn de volgende onderwerpen:
  • Tijd - Leerkrachten en docenten geven aan niet te weten waar ze de tijd vandaan moeten halen om zelf materialen te maken of te arrangeren.
  • Kwaliteit – Materiaal dat door anderen is gemaakt, mist vaak kwaliteit als het gaat om bijvoorbeeld inhoud, koppeling aan doelen, opmaak en layout of is door het bestandsformaat niet universeel bruikbaar.
  • Effectiviteit – Materiaal dat nu wordt gemaakt is lang niet altijd in volgende jaren ook weer bruikbaar. Dit speelt in het VO meer dan in het PO, vanwege verschillende klassen en verschillende niveaus.
  • Vindbaarheid – Het kost veel tijd om geschikt materiaal van anderen te vinden.
  • Beloning – Ik steek er veel tijd in om wat te maken, terwijl de ander er niets voor hoeft te doen. Wat krijg ik er voor terug? Wat levert het mij op? 
Om bij dat laatste te beginnen: leerkrachten zijn vaak zeer enthousiast over leuke werkbladen die ze gratis van internet plukken, over een Yurls- of Symbaloo-pagina die een ander in elkaar heeft gezet of over een prachtige digibord-les. Soms wordt er wel eens bij gezegd: “Waar halen ze de tijd vandaan om dit te maken”. We maken zelf dus graag gebruik van het werk van de ander! Wat is de ‘beloning’ die wij hen daar zelf voor geven? Een bedankmailtje, tweet, vind-ik-leuk-je? Of wellicht helemaal niets? Geven we de ander wat wel zelf ook verwachten?

Een ander punt, de vindbaarheid, kan inderdaad ook weer tijdrovend zijn. Maar ook daarvoor geldt: oefening baart kunst! En ook op dit punt is delen van kennis weer belangrijk. Deel met je collega’s de sites waar wél goede content te vinden is! Dat voorkomt bij hen weer onnodig zoekwerk! daarnaast zouden aanbieders van content beter hun best moeten doen om de materialen goed te metadateren, zodat het beter en sneller te vinden is.

Wat de effectiviteit betreft: Zelf materialen maken loont inderdaad niet altijd. Als je allemaal verschillende klassen hebt van verschillende niveaus, dan is het rendement beperkt. En volgend jaar is het maar weer afwachten of je dan weer vergelijkbare klassen hebt en of je je materiaal dan dus kunt gebruiken. Scholen zouden hier wellicht meer rekening mee kunnen bij het inroosteren van docenten, zodat investeringen ook meer lonend zijn.

De kwaliteit van de materialen is eveneens een wezenlijk aandachtspunt. Content maken is een vaardigheid op zich! Er zit veel kaf tussen het koren. Door meer gebruik te maken van de mogelijkheid die er vaak is om bijvoorbeeld met sterretjes een rating te geven aan het materiaal helpen we elkaar om sneller bij het kwalitatief goede materiaal te komen. Beheerders van content(-sites) zouden daar ook meer op kunnen anticiperen en slecht materiaal gewoon moeten verwijderen.

En dan nog de factor ‘tijd’. Die lijkt bij elke discussie weer op te doemen. Tijd heb je niet, die maak je! Dat betekent keuzes maken. Misschien eens minder vergaderen en de daardoor vrijgekomen tijd steken in meer tijd voor de lesvoorbereiding. Bepaalde activiteiten maar laten schieten en je focussen op de kerntaken? Maak keuzes dus! En daarnaast geldt: Het hoort toch ook gewoon bij je lesvoorbereiding? Dat geldt toch ook als je methode-materialen gebruikt?

Een paar tips:
  • Begin eens met een hoofdstuk of een opdracht uit de methode waar je het minst tevreden over bent! Maak daarvoor een alternatief en deel die met collega’s.
  • Laat de leerlingen de opdracht niet verwerken in het werkboek, maar met een web 2.0-toepassing
  • Leren=creëren! Zet niet zelf van alles in elkaar, maar laat de leerlingen dat eens doen, waarbij de eis is dat ze moeten voldoen aan de door jou opgegeven doelen.
Wat levert het zelf maken van content je dan vervolgens op? Een opsomming vanuit de discussie:
  • Content kopen heeft dikwijls slaafsheid tot gevolg. Zelf construeren geeft eigenaarschap.
  • Je bent op een heel andere manier met de leerstof bezig, denkt er meer over na en bent meer gericht op de doelstellingen van de les.
  • Betere afstemming op de leerbehoeften van je leerlingen, onderwijs op maat.
  • Beleving! Verbinding met wat leeft en ervaringen!
  • Meer aansluiten bij de belevingswereld, de actualiteit, de ontwikkelingen.
  • Verhoogde motivatie - Voldoening over eigen produkt
Content maken of kopen? De beste optie zal een combinatie zijn van beide, afhankelijk ook van de tijd die je er voor wilt maken als school, de visie op onderwijs die je hebt, de beschikbare budgetten, enzovoort. Hoe dan ook: Met achterover leunen komt niemand een stap verder!

Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook. 

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee: @rinusd, @Netwijs , @Timgearz, @ReinBijlsma , @Sjaboepaan, @ellishouben81 , @HVorselman , @HvanSchie , @jvennink , @KoopmansRoelof , @GuusBouwhuis71 , @WiebeA
Dank voor het delen van jullie mening en ervaring!

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp! #netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.00 uur en 13.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

dinsdag 5 juli 2011

Gebruik maken van sjablonen scheelt de leerkracht tijd en verhoogt de leskwaliteit

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Gebruik maken van sjablonen scheelt de leerkracht tijd en verhoogt de leskwaliteit”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

In de blogpost van gisteren pleit Johan Menzinga, onderwijsadviseur bij Station-to-Station, voor het gebruik van sjablonen voor het maken van lesmateriaal. Het zorgt voor éénduidigheid, structuur, duidelijke verwachtingen en criteria. Goed voor de kwaliteit dus! Bovendien scheelt het tijd: Met behulp van een goed sjabloon is met een beperkt aantal aanpassingen zo weer een nieuwe les of opdracht in elkaar te zetten. Toch wordt er in de praktijk nog weinig gebruik van gemaakt.

Velen zullen wellicht, net als één van de discussiedeelnemers, terugdenken aan hun opleiding waarvoor vele lesschetsen of lesvoorbereidingsformulieren ingevuld moesten worden. Sommigen vonden het prettig, bij anderen hing het al snel de keel uit! Het kostte aan de ene kant tijd, aan de andere kant zorgde het er wel voor, dat de les goed voorbereid was. De vraag is of je dat voor alle lessen moet blijven doen. Zeker wanneer lessen vanuit de methode worden gegeven, wordt de structuur, de inhoud en de vormgeving van de les je al aangereikt. Bij de meer vrije lessen is dat vaak niet het geval. Juist dan ontstaan de problemen. Het verschil tussen het meer geregisseerde aan de ene kant en het vrije aan de andere kant is te groot. Zowel voor de leerkracht als de leerling heeft dat consequenties.

Tijdens de discussie hierover waren we het snel eens over het feit, dat sjablonen inderdaad voordelen oplevert. We noemen allereerst enkele voorbeelden waarbij sjablonen ingezet kunnen worden:
  • voor het voorbereiden van de les
  • voor de instructie (bijvoorbeeld op het digibord)
  • voor de verwerkingsopdracht
  • voor de beoordeling van opdrachten
  • voor handelings- en groepsplannen
  • voor observaties
  • voor notulen en gespreksverslagen
Het werken met sjablonen heeft meerdere voordelen:
  • structuur voor zowel de leerkracht als de leerling – het geeft houvast, fungeert als leidraad of checklist
  • eenduidigheid wat betreft opmaak, lay-out en inhoud en daarmee herkenbaarheid
  • betere kwaliteit –alle belangrijke onderdelen komen aan de orde
  • betere aansluiting op de onderwijsvisie – de sjabloon helpt om de les en het lesmateriaal zo te ontwerpen zoals past bij de visie op leren van de school
  • tijdbesparing – sjablonen kunnen met beperkte aanpassingen geschikt gemaakt worden voor een andere les, een andere groep of een andere context
  • ontworpen lessen en materialen zijn goed door andere collega’s te gebruiken met soms beperkte aanpassingen
Tegelijk zijn er ook aandachtspunten te noemen:
  • Niet iedereen is in staat een goed sjabloon te maken, zeker als het digitaal moet. De IB-er en de ICT-er zullen dus een belangrijke ondersteunende rol moeten vervullen. Vanuit de directie zal gekeken moeten worden naar benodigde competenties.
  • Er zullen duidelijke afspraken moeten zijn over de opmaak, de lay-out en het centraal opslaan van de sjablonen.
  • Het daadwerkelijk gebruiken van de sjablonen en het delen van materialen zal gestimuleerd moeten worden vanuit de directie. Het vraagt om discipline en vaak om een gedragsverandering binnen de school.
  • Zeker in de beginfase is een zekere tijdsinvestering nodig. In het taakbeleid zou dat een aandachtspunt moeten zijn.
  • Het gevaar bestaat, dat er te star wordt omgegaan met sjablonen zodat het een keurslijf wordt. Zeker waar het de leerlingen betreft is het van belang ruimte te laten voor en rekening te houden met hun eigen inbreng en leerstijl. Ook zal het gebruikte sjabloon naarmate de leerling ouder wordt steeds minder sturend moeten zijn en minder aanreiken, waardoor er meer uit de leerling zelf moet komen.
  • Om de kwaliteit te bewaken is het verstandig, dat iemand binnen de school redactioneel verantwoordelijk is: even controleren of het gedeelde materiaal voldoet aan de afgesproken eisen.
Opvallend overigens, dat veel leerkrachten zonder bezwaar de lesmethoden volgen, maar wel bezwaren hebben wanneer er binnen de school een sjabloon of format wordt aangereikt. Waar zou dat in zitten? Die vraag is in de discussie nog blijven liggen.

Tot zover het uitgewerkte verslag van de discussie. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je nog enkele bijbehorende interessante aanvullende links, die genoemd werden tijdens de discussie. Heb je zelf nog aanvullende opmerkingen, ideeën of ervaringen? Reageer op dit blog!.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @jvennink , @Gijs1982 , @moniquesparla , @GUPAGEBO , @Sjaboepaan , @michelboer, @jaap_w

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

dinsdag 31 mei 2011

Lessen maken met ICT: Verken je omgeving met Wikimapia

De trainers van Station to Station publiceren iedere twee weken een complete innovatieve les om leerkrachten te stimuleren met ICT aan de slag te gaan. De lessen staan altijd in het teken van een onderwijskundig doel waarbij een gratis toepassing op internet als hulpmiddel gebruikt wordt om een les leerzamer, boeiender en interactiever te maken.

Deze week de les ‘Verken je omgeving met WikiMapia’

Al vanaf het moment van hun geboorte beginnen kinderen zich te oriënteren in hun omgeving. Ouders en leerkrachten spelen daarbij een belangrijke stimulerende rol. Langzamerhand wordt de bekende omgeving groter en krijgt alles steeds meer betekenis. Straten, gebouwen, bezienswaardigheden en interessante plekken worden steeds meer herkend.
WikiMapia biedt de mogelijkheid om het verkennen en herkennen van de eigen omgeving te stimuleren. WikiMapia is een interactieve kaart die gebruik maakt van GoogleMaps. Bezoekers kunnen plaatsen op de kaart markeren en daar vervolgens een omschrijving aan toevoegen en deze ook categoriseren. Motiverend en leerzaam voor de leerling en meteen ook betekenisvol voor anderen.

Je kunt het lesmateriaal downloaden op de website van Netwijs.

We stellen het erg op prijs als leerkrachten hun ervaringen met ons delen. Dat kan door een bericht achter te laten op ons Blog, te Twitteren naar @netwijs of te reageren via email naar info@netwijs.info
Heeft u ook een innovatieve les gemaakt of heeft u een innovatieve ICT toepassing die u geschikt vindt. Mail ons uw les of lesidee: info@netwijs.info

maandag 28 maart 2011

Lessen met ICT: Kruiswoordpuzzel met Puzzlemaker

De trainers van Station to Station publiceren iedere twee weken een complete innovatieve les om leerkrachten te stimuleren met ICT aan de slag te gaan. De lessen staan altijd in het teken van een onderwijskundig doel waarbij een gratis toepassing op internet als hulpmiddel gebruikt wordt om een les leerzamer, boeiender en interactiever te maken.

Deze week de les: Kruiswoordpuzzel met Puzzlemaker

De leerlingen kijken tijdens deze les terug op hun eigen spelling- en taalwerk van afgelopen weken en zoeken woorden op die zij lastig vinden in hun schriften of krijgen een uitdraai uit het softwarepakket met hun lastige woorden.
Van deze woorden zoeken ze vervolgens de betekenis op en bedenken hier een omschrijving, tegenstelling of vraag bij. Vervolgens werken ze dit uit in een Word bestand, zodat het gemakkelijk te kopiëren en te plakken is op de website van Puzzlemaker.
Elke leerling maakt zijn eigen puzzel. Deze puzzels kunnen vervolgens worden afgedrukt tot een boekje, zodat de puzzels door alle leerlingen gemaakt kunnen worden.

Je kunt het lesmateriaal downloaden op de website van Netwijs.

We zouden het erg op prijs stellen als leerkrachten hun ervaringen met ons delen. Dat kan door een bericht achter te laten op ons Blog, te Twitteren naar @netwijs of te reageren via email naar info@netwijs.info

Heeft u ook een innovatieve les gemaakt of heeft u een innovatieve ICT toepassing die u geschikt vindt. Mail ons uw les of lesidee: info@netwijs.info

dinsdag 8 maart 2011

Met welk digitaal leermateriaal zou jouw school echt geholpen zijn?

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Met welk digitaal leermateriaal zou jouw school echt geholpen zijn?” In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Er is her en der op het internet heel wat digitaal leermateriaal te vinden. Diverse websites en platforms met een breed aanbod. Maar is daar ook te vinden waar je als school echt op zit te wachten? Waar ligt op dit gebied de behoefte? En aan welke criteria moet dit digitale leermateriaal voldoen?

Materiaal voor het bevorderen van sociale vaardigheden werd als eerste genoemd. Daarbij werd gedacht aan games waarin leerlingen interactief bezig zijn. Een game kan heel motiverend werken en ook een stukje veiligheid bieden bij onderwerpen waarover leerlingen in een groep moeilijk durven te praten of geneigd zijn sociaal wenselijke antwoorden te geven. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan pesten. Uiteraard blijft het een oefensituatie en is daarbij altijd een vertaling naar de praktijk nodig.

Ook werd ingebracht: materiaal op het gebied van Taal en Spelling. Voor bijvoorbeeld Rekenen is er veel beschikbaar, maar voor deze vakken veel minder of Engelstalig. Hier zou veel meer voor beschikbaar moeten komen. Daarbij wordt gedacht aan materialen voor het geven van instructie, maar ook om te oefenen en dan het liefst met mogelijkheden voor interactie, ontdekken en ervaren.

Digitaal materiaal hoeft niet te bestaan uit kant en klare pakketten met alles er op en er aan. Er is ook behoefte aan losse methode-onafhankelijke digitale leermaterialen: videofragmenten, gereedschappen, toetsen, objecten, leereenheden. Op basis van de leerlijnen en in combinatie met andere materialen kunnen leerkrachten dan zelf de lessen arrangeren. Dat vereist overigens wel de nodige kennis en vaardigheden.

Belangrijke opmerking met betrekking tot het digibord: Zorg dat de lessen voor alle borden bruikbaar zijn door gebruik van het iwb-formaat. Het wordt tijd dat er meer eenduidigheid komt. In een eerdere #netwijs-discussie hebben we dat al eens besproken.

Digitale materialen zijn er in allerlei vormen. Van gedigitaliseerde lesboeken tot interactieve edugames. De vraag daarbij is altijd: Hoe ga je het als leerkracht inzetten vanuit je lesdoelen? En weet je daarbij de juiste vragen te stellen en de leerlingen te faciliteren. Net als in eerdere discussies werd Sugata Mitra ingebracht als voorbeeld. Door leerlingen in groepjes te laten samenwerken en hen de juiste vragen te stellen, komen ze tot grootse resultaten. Daarbij hebben ze niet allemaal een eigen laptop nodig, maar kunnen ze met één per groepje prima uit de voeten.

Naast een goed aanbod van materiaal is het van belang, dat leerkrachten inzien, dat ook zonder de aanschaf van duur materiaal eigentijds onderwijs te geven is. Er zijn genoeg voorbeelden van gratis toegankelijke en beschikbare middelen. Daarbij speelt de professie van de leerkracht een belangrijke rol. Daar ligt een aardige uitdaging.

De noodzaak om ICT veel meer een plek te geven in het onderwijs kwam ook naar voren in een artikel op Onderwijs Brabant. Het motiveren van de leerlingen, maar ook het verkleinen van het gat tussen het onderwijs en de maatschappij. Twee belangrijke uitdagingen waar het onderwijs gezamenlijk met de vele aanbieders van materialen en middelen hun tanden in kunnen zetten!
Tot zover het verslag van de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen, maar heb je wel waardevolle aanvullingen, opmerkingen of interessante links? Plaats jouw reactie onder deze blogpost.

Op discussiedinsdag.yurls.net vind je van alle discussies de bijbehorende interessante aanvullende links, die genoemd werden tijdens de discussies. Heb je zelf een suggestie voor een interessant onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @tboutkan , @meeszwan , @thijsdevries , @florinablokland , @mariekemove , @marboneveld , @Marcelmarkvoort , @JelvanRijn

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

dinsdag 11 januari 2011

Onderwijs en ICT - Eerst eten uit de muur, maar dan zelf kokkerellen

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Leerkrachten motiveren voor #onderwijs met #ICT? Laat ze 'eten uit de muur'!” In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Wie de via edublogs, RSS-feeds, LinkedIn, Twitter of andere kanalen de ontwikkeling bijhoudt op het gebied van Onderwijs en ICT kent de schat aan mogelijkheden en materialen, die beschikbaar zijn om met ICT als hulpmiddel je onderwijsdoelen te realiseren. Want daar draait het hoe dan ook om.

Toch blijkt het voor veel leerkrachten en docenten nog steeds een hobbel. Er is zoveel beschikbaar, dat je al snel door de bomen het bos niet meer ziet. Hoe vind je in die grote hoeveelheid dat wat geschikt is? Waar haal je de tijd vandaan? En ga je er dan concreet mee aan de slag?

‘Eten uit de muur’ blijkt een middel waar leerkrachten en docenten erg blij van worden. Materiaal waar je direct mee aan de slag kunt. ICT-coördinatoren, die kant-en-klare handleidingen maken om collega’s op weg te helpen. Zelf doen we er ook aan mee met onze lesbrievenserie ‘Zelf lessen maken met ICT’.

Toch wil je graag, dat leerkrachten vervolgens ook zelf aan de slag gaan. Thuis eet je ook niet elke dag kant en klaar-maaltijden. Het is wel gemakkelijk en soms ook noodzakelijk, maar je raakt er ook op uitgekeken en wilt ook wel een verse maaltijd. Of zelf lekker kokkerellen en dan samen lekker opeten. Zo is het ook met lesmateriaal. Kant en klare materialen kunnen een uitkomst zijn en een middel om je dingen eigen te maken. Soms ook noodzakelijk want de tijd die je hebt is schaars. Toch ga je op een gegeven moment wat missen. Bovendien remt het je eigen creativiteit. Probeer het maar eens uit: ga met je collega’s op een middag na schooltijd bij elkaar zitten, bereid samen je lessen voor en laat dat aan elkaar zien. Let eens op hoeveel geweldige ideeën er los komen!
De meeste leerkrachten en docenten kunnen prima ‘koken’ alleen weten ze het niet altijd van zichzelf, nemen ze de tijd er niet voor, zijn ze bang om te falen of wat er ook maar mee kan spelen. Goed om dat eens bij elkaar te ontdekken!

In kant en klaar-taal:
  • Ga eens wat kant en klare lessen, lesmaterialen, gereedschappen opzoeken die je interessant lijken en passen bij onderwerpen, die je in de klas wilt behandelen.
  • Probeer ze uit met je klas. Wat spreekt je aan? Wat niet? Hoe reageerden de leerlingen?
  • Neem je tijd! Laat je niet opjagen door een collega die al zelf aan het kokkerellen is.
  • Stel op basis van je ervaringen en kennis vervolgens een menukaart op. Welke websites zijn handig? Welke software? Welke gereedschappen? Welke werkvormen? Welke aandachtspunten?
  • Kies vervolgens een onderwerp, die je wilt gaan behandelen en kies met behulp van je menukaart uit wat je kunt inzetten om je lesdoelen te realiseren.
  • Verwerk je ervaringen weer in je menukaart.
(Tip: Wanneer je dit met een aantal collega’s samen doet en deelt, is het rendement nog groter!)

Voor de ICT-coördinatoren is het de kunst om collega’s tips en suggesties door te geven, die op hun menukaart passen. Daarvoor moet je én je collega’s én de visie van de school goed kennen, zodat je maatwerk kunt leveren. Aan de andere kant mag je ook van leerkrachten en docenten verwachten, dat ze met hun HBO-achtergrond zelf eens rondkijken en zelf keuzes kunnen maken in wat wel en niet relevant en handig is. Ze zijn immers allemaal verantwoordelijk voor de kwaliteit van hun lessen?

Een paar tips:
  • Zorg dat je weet wat er te halen is en waar en wat aansluit bij de visie op onderwijs op jullie school.
  • Laat eens zien hoe RSS-feeds werken en wat je daar mee kunt.
  • Stuur met elk mailtje, dat je stuurt een handige link mee.
  • Reik kwalitatief goede materialen en voorbeelden aan waarvan direct duidelijk is welke meerwaarde het heeft.
  • Geef eens een voorbeeldles in de klas van een collega of beter: geef samen een les.
Hebben we het dan weer over scholing? Zeker niet. We hebben het over waar we voor opgeleid zijn, namelijk goed onderwijs geven en dat het liefst samen!

Tot zover een uitgewerkt verslag van de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen? Plaats je reactie onder deze blogpost. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je nog een aantal interessante (aanvullende) links en voorbeelden, die genoemd werden tijdens de discussies. Heb je zelf een suggestie voor een interessant onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:

@rinusd, @Netwijs , @karinwinters , @robertdevilee , @GertHein1420 , @NathanVla , @Wiswijzer2 , @PascalMarcelis , @KoenElbers , @JaapSoft , @Histoforum , @inabel , @Kletskous , @Leesmevoor

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

En alvast voor in je agenda: 25 januari 2011 #netwijs Discussie Dinsdag LIVE vanaf de NOT. Dé kans om andere discussie-deelnemers reallife te ontmoeten! TweetUp 12.00-14.00u Stand B026 Hal 9

dinsdag 14 december 2010

ICT inzetten bij lezen en taal in groep 3

Hoe zet je ICT als hulpmiddel gericht in bij het leesonderwijs in groep 3?
Dat is een vraag die veel leerkrachten zich stellen. Natuurlijk is er de educatieve software die je daarvoor kunt gebruiken. Toch is dit niet altijd precies datgene waarnaar je op zoek bent. Het heeft soms net niet de aansluiting bij het leesonderwijs.

Een leerkracht van CBS De Regenboog in Tolbert is op zoek gegaan naar werkvormen waarbij vooral de kinderen een actieve bijdrage leveren aan hun eigen leerproces. Zij kiest daarbij niet in de eerste plaats voor bestaande educatieve software, maar tracht standaardprogramma’s als Word, PowerPoint en Paint doelgericht in te zetten bij het lees- en schrijfonderwijs. Ons werd een kijkje in de keuken gegund. En waarlijk: in deze keuken is sprake van haute cuisine!

Het eerste inkijkje betreft een oefening in begrijpend lezen. Doelen zijn o.a. het lezen en in de juiste volgorde plaatsen van zinnen. Als verwerking maken de kinderen een tekening die hoort bij de tekst.
De juf heeft ter voorbereiding in PowerPoint een aantal bij elkaar horende zinnen getypt in willekeurige volgorde. Daarbij heeft ze een afbeelding geplaatst, die deel uitmaakt van het verhaaltje. Deze opdracht laat ze uitvoeren in groepjes van twee kinderen. Ze heeft het programma Paint geopend en ook PowerPoint met daarin de oefening die zij voorbereid heeft. Kinderen slepen de zinnen van het verhaal in de goede volgorde. Daarbij is het uiteraard nodig dat ze de zinnen lezen en begrijpen en dat ze door samenwerken tot het goede resultaat komen.
De tekening (die de juf dus al in de PowerPoint heeft geplaatst) wordt door de leerlingen gekopieerd en geplakt in Paint. Paint staat al geopend in de taakbalk (voorbereid door de leerkracht).
In Paint tekenen leerlingen de inhoud van het verhaal bij de tekening die ze al uit de PowerPoint hebben gekopieerd en geplakt.

Tekenen in Paint op een computer vereist nogal wat van de fijne motoriek van deze jonge kinderen. Dat is de reden dat de juf dit op het digitale schoolbord laat uitvoeren: het is daar allemaal wat groter en kinderen kunnen met de digitale pen werken.

Aan de hand van wat ze tekenen kan de leerkracht nagaan of de tekst begrepen is.
Vervolgens wordt de hele tekening geselecteerd, gekopieerd en teruggeplakt in PowerPoint.

Opmerking: het moge duidelijk zijn dat leerlingen van groep 3 dit niet zomaar kunnen. De leerkracht heeft dit uitvoerig met de kinderen geoefend en laat deze vaardigheden regelmatig weer even voorbij komen. Ook maakt ze gebruik van leerlingen die hierin al best heel vaardig zijn: deze mogen de anderen helpen als ze er even niet meer uitkomen.

Van het geheel maakt de leerkracht een afbeelding en plaatst deze op een weblog die speciaal voor deze groep is gemaakt.(Kijk voor dit voorbeeld bij vrijdag 10 december)
Ouders en andere belangstellenden kunnen hier zien wat er in de klas gebeurt en reageren erop. Trouwens, soms komt het voor dat ook leerlingen zelf erop reageren. De leerkracht heeft er bewust voor gekozen om geen lange lappen tekst te plaatsen op de weblog. Het moet zoveel mogelijk de weblog van de leerlingen zelf zijn.

Een tweede voorbeeld.
In het kader van het aanleren van klanken, zet de leerkracht Word in.
Aan de beurt was de klank ‘oe’. De leerkracht opent Word. Ze kiest hier ‘Invoegen – Illustraties’
Leerlingen bedenken woorden met de klank ‘oe’ en typen deze in het zoekvenster. Leerlingen klikken op een illustratie waarna deze in Word verschijnt. Bij de afbeelding typen de leerlingen het woord over (ze hebben geleerd dat je dat met een tekstvak kunt doen). Zo verschijnt er een hoeveelheid woorden met de klank ‘oe’. Leerlingen moeten dus woorden met deze klank intypen, lezen en natypen.



De resultaten worden weer op de weblog geplaatst. (kijk nu bij maandag 18 oktober en dinsdag 12 oktober). Opmerking: onderaan elke pagina in de weblog staat en waarmee u de andere pagina’s van de weblog kunt bekijken.

Deze werkvorm kan natuurlijk ook bij andere klanken worden toegepast, zelfs bij ‘e’ klanken (als in bek) en ‘ee’ (als in keel).


Een derde voorbeeld betreft een oefening met de woorden ‘de’ en ‘een’. Ook hier is weer Word gebruikt. (Kijk in de weblog bij 15 november).De leerkracht heeft een aantal plaatjes naast elkaar gezet met woorden die op dat moment spelen in de klas. Onder deze plaatjes staat een streep. Leerlingen mogen om beurten twee plaatjes kiezen, deze kopiëren en onder de streep plakken. Daarna maken ze eenvoudige zinnen met ‘de’ en ‘een’. De leerkracht heeft er vervolgens met Calameo een digitaal boekje van gemaakt ) en deze weer gepubliceerd op de weblog. Deze werkvorm is overigens ook mogelijk met PowerPoint.

Het mooie van deze weblog is dat er een historisch overzicht ontstaat van wat er in de klas gebeurt, niet alleen wat betreft lezen en taal, maar ook de opbouw in ICT vaardigheden is goed af te lezen.

Grote vraag is natuurlijk: hoe organiseer ik dit allemaal, wat moet ik als leerkracht kennen en kunnen en wat moeten mijn kinderen kunnen. Natuurlijk zijn dit belangrijke vragen. Deze leerkracht heeft dit ook niet allemaal in één keer kunnen realiseren. Het is dan ook een kwestie van langzaam opbouwen: eerst maar eens iets gemakkelijks kiezen en net zo lang proberen tot het een werkzaam iets is geworden. Als je leuke reacties van gemotiveerde leerlingen krijgt en van meelevende ouders, dan ga je je als vanzelf richten op andere mogelijkheden. In ieder geval is het van belang dat ICT ook hier geen doel is, maar een middel. De onderwijsdoelen staat centraal. Deze leerkracht is daar in ieder geval in geslaagd.
Met dank aan deze collega die ons een kijkje in haar keuken gunde!

dinsdag 30 november 2010

De meerwaarde van digitale methodische materialen

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “De meerwaarde van digitale methodische materialen”. In dit artikel een eigen reflectie op het onderwerp aangevuld met opmerkingen vanuit de discussie.

Het begrip ‘digitale methodische materialen’ vraagt eerst om een toelichting. Het meest bekend en ingeburgerd is de methodegebonden educatieve oefensoftware. Daarnaast zijn er de aanvullende digitale opdrachten, al dan niet webbased. En tot slot de digitale versie van de boeken en werkboeken, al dan niet interactief. Bij deze laatste rekenen we ook de methodegebonden instructiesoftware voor leerkrachten.


De methodegebonden oefensoftware is op veel scholen al lange tijd in gebruik. Voordeel is, dat het aansluit op de methode wat betreft aanpak, onderwerp en lay-out. Vaak ook is de registratie van het werk van de leerlingen goed op orde. Uiteraard ook hier weer de nodige accent- en kwaliteitsverschillen. Met de komst van internet ontstond ook de mogelijkheid om online aanvullingen te plaatsen. Te denken valt daarbij aan uit te printen materialen, maar ook aan online opdrachten. Voordeel was, dat het snel aan te vullen en actueel te houden was door de uitgevers.

Met name door de komst van de digitale schoolborden ontstond er vanuit de scholen een toenemende vraag naar digitale materialen passend bij de methode. Scholen gingen zelf aan de slag met het inscannen van hun methodematerialen. Uitgeverijen waren daar niet blij mee, immers de copyright was in het geding. Het duurde dan ook niet lang of de uitgevers boden zelf de digitale versie aan van de materialen. Sommigen zetten daarbij ook meteen de stap naar een wat meer interactieve versie, waarbij bijvoorbeeld instructietools, links, aanvullende afbeeldingen, etc. direct vanuit het materiaal waren te openen.

Met de komst van Classmates en Ipads en dergelijke neemt de vraag naar digitaal materiaal toe. De vraag bij deze materialen is: Wat voegen ze toe aan het papieren materiaal, zoals we dat jarenlang hebben gebruikt. Deze vraag was min of meer ook de aanleiding voor de stelling. In de praktijk komen we regelmatig leerkrachten en docenten tegen, die het materiaal, dat methodeuitgevers aanbieden aan scholen, een aanfluiting vinden. “Het is niets meer, dan een ingescande versie met soms wat extra toeters en bellen, maar echt meerwaarde heeft het nauwelijks, behalve dan financieel voor de uitgevers zelf.” Zo maar een gehoorde opmerking. De vraag is dan in hoeverre een opmerking als deze terecht is.

vier in balans
We moeten hierbij onderscheid maken tussen enerzijds de meerwaarde van het digitale materiaal zelf en anderzijds de meerwaarde van het gebruik ervan. Uiteraard heeft het één daarbij invloed op het ander. In dit proces hebben we te maken met de mogelijkheden en onmogelijkheden van het digitale lesmateriaal, de kwaliteit en de mogelijkheden van de ICT-infrastructuur, de deskundigheid van de leerkracht en last but not least met visie oftewel met de Vier in Balans (Kennisnet).

In de discussie werd aangegeven, dat het begint met de vraag wat de school nu eigenlijk wil. Wat is je visie op onderwijs, wat zijn je lesdoelen, wat wil je bereiken met je leerlingen? Daarna komt pas de vragen waarmee en hoe. Als school zet je de lijnen uit en vervolgens ga je op zoek naar daarvoor geschikte wegen en materialen. De materialen van educatieve uitgeverijen zijn daarbij een mogelijkheid, maar niet dé mogelijkheid.

Kies je voor digitale materialen, al of niet methodegebonden, dan dient vervolgens de vraag zich aan of wat betreft organisatie haalbaar is. Zijn er voldoende computers, laptops, digiborden, classmates of Ipads om het ook daadwerkelijk effectief in te kunnen zetten? Wat is daarvoor organisatorisch nodig? Hebben we de leerkrachten en het ondersteunend personeel voldoende kennis en vaardigheden?

succesfactoren
Succesfactor in dit geheel is de vraag of de vier aandachtgebieden daadwerkelijk in balans zijn. Want het materiaal kan nog zo goed zijn; als de leerkracht er niet mee kan werken behaal je niet het gewenste rendement. En de leerkracht kan nog zo vaardig zijn; als er maar een beperkt aantal computers beschikbaar is of een slechte internetverbinding dan kom je niet daar waar je wilt. Het één kan niet zonder het ander.

In de discussie werden enkele aspecten genoemd waar digitaal materiaal tenminste aan zou moeten voldoen. Allereerst dat het de mogelijkheid biedt tot actueel onderwijs en tot het actueel houden van de materialen. Steeds nieuwe boeken aanschaffen is niet meer nodig, want je hebt altijd de meest actuele versie online beschikbaar. Uitgevers hoeven niet meer een hele methode aan te passen maar kunnen delen aanpassen, die niet meer actueel zijn of die achterhaald zijn vanwege nieuwe (didactische) inzichten.

Een ander belangrijk aspect is, dat het leerkrachten in staat stelt efficiënt te werken, zowel in de voorbereiding van als de uitvoering van de les. Daarnaast moet het voor de minder ervaren en vaardige leerkracht een goede basis leveren en voor de meer ervaren en vaardige leerkracht voldoende mogelijkheden en flexibiliteit bieden om naar eigen inzicht arrangementen te wijzigen of aan te vullen. Deze eigen arrangementen en materialen zouden eenvoudig opgeslagen en gedeeld moeten kunnen worden. In dit kader verwijzen we ook graag naar het verslag van een eerdere discussie: ‘Lesmateriaal volgens het maggi-pricipe’.

Ook interactiviteit is een wezenlijk aspect. Leerlingen moeten worden uitgenodigd en uitgedaagd om met het materiaal aan de slag te gaan, op onderzoek te gaan in aanvullende bronnen, te reageren, enzovoort. Koppeling met verschillende beschikbare (moderne) media is in deze tijd daarbij een must. En ruimte voor het ontdekkend en ervarend leren van leerlingen.

Leerlingen en leerkrachten aan het werk met actueel, uitnodigend, uitdagend, interactief en innovatief materiaal van hoge kwaliteit. Vol verwachting klopt ons hart waarmee de uitgevers ons op de NOT in januari verrassen!

Tot zover het verslag van de discussie. Er valt nog veel meer over te zeggen! Heeft u zelf nog aanvullende opmerkingen of ideeën? Plaats ze als reactie op deze blogpost.
Op discussiedinsdag.yurls.net vindt u nog enkele interessante aanvullende links, die genoemd werden tijdens de discussie. Heeft u zelf een suggestie voor een interessant onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @Wiswijzer2 , @Mennovh , @uitgaca, @robertdevilee , @YFab1 , @Citowoz , @JoostWissink , @ronnyvoorhuis , @lexhupe , @Timgearz , @PascalMarcelis

Volgende week houden weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

Nieuw: Les met ICT - Puzzels ontwerpen met Jigsawplanet

Eens in de twee weken wordt er door de trainers van Netwijs een nieuwe les met ICT gepubliceerd. Deze week is het een les waarin kinderen puzzels ontwerpen binnen een taal activiteit. Voor alle lessen met ICT geldt dat ze zijn geïntegreerd bij andere vakken. Dat kan bij taal of rekenen zijn, maar ook bij wereldoriëntatie of expressie.
De lebrieven zijn hier te downloaden.
Om alvast in de puzzel stemming te komen een voorbeeld:

preview18 pieceVoorbeeld puzzel

Veel plezier!

We zijn natuurlijk heel erg benieuwd hoe dit initiatief wordt ontvangen. Stuur daarom een mailtje met je ervaringen of suggesties naar info@netwijs.info.