Posts tonen met het label social media. Alle posts tonen
Posts tonen met het label social media. Alle posts tonen

dinsdag 4 december 2012

Mediawijsheid in de Kerndoelen of als rode draad?


Het onderwerp vandaag op #netwijs Discussie Dinsdag was “Mediawijsheid in de Kerndoelen of als rode draad?”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Onlangs schreef Marcel Kesselring een blog met als titel “Scholen en (social) mediawijsheid: hoe stoppen we de digitale kloof?” Daarin pleitte hij ervoor om in de kerndoelen vast te leggen wat leerlingen aan het einde van hun schoolloopbaan moeten  beheersen rond ‘mediawijsheid’. Daarnaast zouden scholen deze dan ook echt moeten opnemen in hun onderwijsprogramma.

Als reactie schreef Jeroen Clemens een blog met als titel “Nederlands en Mediawijsheid moeten trouwen, een reactie op Marcel” vanuit het onderzoek waar hij mee bezig is pleit hij voor een integratie van Nederlands, Informatievaardigheden en Mediawijsheid.

vaardigheden
Daarmee komen we bij onze stelling. Jeroen laat zien, dat er tussen het vakgebied Nederlands in het VO, of de vakken Taal en Begrijpend Lezen, veel raakvlakken zijn met Mediawijsheid. Wanneer je reflecteert op taaluitingen, gespreksvaardigheden oefent, teksten analyseert of informatie zoekt, dan kun je daarbij niet heen om de grote hoeveelheid en verscheidenheid aan digitale teksten en digitale communicatiemiddelen. Jeroen Clemens geeft daarbij aan, dat uit onderzoek ook blijkt, dat hierbij ook ándere vaardigheden nodig zijn, dan bij de teksten uit bijvoorbeeld boeken.

verrijken
Wat voor Nederlands of Taal of Begrijpend Lezen geldt, geldt ook voor andere vakgebieden. Voor Aardrijkskunde zijn er tal van interessante digitale bronnen en tools beschikbaar. Evenzo voor Geschiedenis, Muziek, Creatieve vakken, Vreemde talen, etc. Voor haast elk vak zijn er mogelijkheden en middelen om de les te verrijken. Zowel de leraar als de leerling zal daar dan wel op een goede manier mee om moeten kunnen gaan. Mediawijsheid dus!

meer dan een project
Een ‘Week van de Mediawijsheid’ is zeer geslaagd om aandacht aan het onderwerp te besteden. Maar daar mag het niet bij blijven.  Het moet een opstap zijn naar integratie in het onderwijsprogramma. Natuurlijk kan het nodig zijn om bepaalde onderwerpen eens apart bij de kop te nemen in de vorm van een project(-week). Dat doen we immers bij sociale vaardigheden ook. Wanneer dat nodig is, staan we speciaal stil bij een bepaald aspect, maar daarna stimuleren we de leerlingen om het ook toe te passen in de praktijk. Ook bij sociale vaardigheden blijven we er op terug komen, geven we complimenten voor goed gedrag, herhalen we de afspraken, leggen we verbanden met andere situaties, etc. Waarom zouden voor Mediawijsheid andere regels gelden?

niet vrijblijvend
Marcel Kesselring heeft gelijk wanneer hij aangeeft, dat dat niet vrijblijvend kan zijn. Scholen hebben wat dat betreft een stok achter de deur nodig. De praktijk wijst dat ook uit, uitzonderingen daar gelaten. De digitale kloof wordt in verschillende opzichten groter. Tijd voor actie dus! Die kerndoelen moeten er komen!
Maar, zo wordt tijdens de discussie aangegeven, dan zijn er ook leerlijnen nodig. Je wilt immers niet alleen weten waar je naar toe moet, maar ook hoe je daar komt. Het mooiste zou zijn, wanneer daarbij ook aandacht is voor integratie binnen bestaande vakgebieden. En omdat leraren nu eenmaal gewend zijn in Nederland om volgens de methode les te geven, zijn ook stappenplannen, lesvoorbeelden, lesbrieven, etc. noodzakelijk, waarin concreet wordt uitgewerkt hoe je middelen van nu kunt inzetten tijdens verschillende lessen mét daarbij aandacht voor mediawijsheid. Dus: Nieuwe kerndoelen + leerlijnen + concrete lessen om scholen te helpen om Mediawijsheid als rode draad door hun onderwijsprogramma te laten lopen.

op school doen wat ze thuis ook doen
Aan de andere kant: Door bestaande lessen eens in een ander jasje te steken zet je al een paar stappen in de goede richting. Thuis doen leerlingen dat eigenlijk al spontaan. Ze delen wat ze maken of leuk vinden via social media, ze spelen games in het Engels en moeten daarbij soms ook zelf in het Engels communiceren, ze leggen contacten met campingvrienden in het buitenland, maken zelf liedjes en zetten dat op YouTube. Ze leren het van elkaar, via instructiefilmpjes of door gewoon uit te proberen. Wat zou het mooi zijn wanneer ze dat ook op school zouden kunnen doen én dan daarbij ook nog eens begeleiding zouden krijgen voor lastige dingen die ze tegen komen of gewezen worden op zaken die ze over het hoofd zien of gewoon niet over nadenken; zowel vakinhoudelijk als mediawijs!

Enerzijds moeten we Mediawijsheid dus borgen  door het op te nemen in de kerndoelen, anderzijds moeten we onze ogen openen voor de kansen die er liggen bij alle vakgebieden om mediawijsheid aan de orde te stellen door eens ándere middelen te gebruiken dan die van de methode. Dan komt het er niet bij, maar in plaats van. De gemotiveerde leerlingen krijg je er gratis bij!

Tot zover de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar wil je wel je mening of ervaringen delen? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Geef het door via discussiedinsdag.yurls.net. Daar vind je ook alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook het archief van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @compie67 , @gerarddummer, @GuusBouwhuis71 , @Sjaboepaan , @Hogenkampv

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.30 uur en 13.30 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT via de hashtag #netwijs. Ook de rest van de week interessant om te volgen!


Let op! Vanaf januari wordt de discussie verplaatst naar 15.30-16.30 uur!

dinsdag 27 november 2012

Mediawijs bij de gratie van Microsoft, Google en Facebook en ons zelf


Het onderwerp vandaag op #netwijs Discussie Dinsdag was “Mediawijs bij de gratie van Microsoft, Google en Facebook en ons zelf”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Deze week is het de Week van de Mediawijsheid. Een week vol met activiteiten om ouders en scholen of eigenlijk iedereen een stukje bewustwording bij te brengen en te stimuleren om aandacht aan dit onderwerp te besteden.

wie zoekt die vindt ...
Wijs omgaan met media. Is dat eigenlijk wel te doen? Het internet is één grote vergaarbak van heel veel informatie. Een hele kunst om daarin je weg te vinden! Gelukkig zijn er de zoekmachines! Die helpen me op weg! Dat zou je inderdaad verwachten, ware het niet dat zij ook zo hun belangen hebben. Als ik op mijn pc een zoekwoord intoets bij Google en een ander ook op zijn pc, dan kan het maar zo zijn, dat we een verschillend lijstje met resultaten te zien krijgen. Je kijkt op Facebook even je tijdlijn door, maar mist bepaalde berichtjes die bijvoorbeeld je partner wel ziet. Mooie voorbeelden hoe anderen met ons mee denken. Om ons te helpen uiteraard … ‘customizing’ noemen we dat! En dan nog de dringende aanbeveling om toch vooral bepaalde programma’s te gebruiken. Maar wie wordt er vooral beter van?

vérder kijken
Er worden, zonder dat we het merken, keuzes voor ons gemaakt. Alleen wie heel goed thuis is in de materie kan er wegwijs in worden en zijn eigen keuzes maken. Willen we leerlingen hierin onderwijzen en hen kunnen begeleiden, dan vraagt dat nogal wat van jou als opvoeder. En dus … negeren we het maar,  beperken we ons tot een bepaalde basis, spelen we in op incidenten, etc. Geven we onze leerlingen wel echt die vaardigheden mee die hen voorbereid op en in staat stelt om in medialand overeind te blijven en verder te kijken dan hun neus lang is?

kritische houding
‘Manipulatie’ is iets van alle tijden overigens. Ook op TV-programma’s en kranten kun je lang niet altijd aan. En ook in het echte leven, oftewel IRL, kun je niet iedereen op zijn blauwe ogen vertrouwen. In dat opzicht niets nieuws en komt het onderwerp ‘wat is waar?’ op alle mogelijke manieren op je af. De technieken om ons in een bepaalde richting te krijgen worden echter steeds geavanceerder … Begrijpend lezen en begrijpend surfen alleen zijn niet genoeg! (Zie het verslag van een eerdere discussie) Je hebt de juiste strategieën nodig, de juiste bronnen, de vaardigheid om bronnen te vergelijken, het besef dat je niet moet afgaan op wat je in eerste instantie voorgeschoteld krijgt. Een kritische houding dus! “Vroeger moest kennis vergaard worden, nu is ze ter beschikking en is het de kunst om ze te vinden.”

wie ben ik?
‘Iemand die zelf een filmpje of een blog maakt, is 100% puur zichzelf. Social media zijn juist niet manipulerend, mits je het goed gebruikt natuurlijk.” zo werd opgemerkt. Dat is echter discutabel: In hoeverre zijn we zelf eigenlijk echt via social media? Zouden alle mensen inderdaad zo gelukkig zijn als hun profiel ons doet geloven? Welke boodschap geven wij daarmee aan de opgroeiende leerlingen? Welk beeld krijgen zij hiermee voorgeschoteld van de wereld om hen heen? Delen we ook ons verdriet, onze teleurstellingen met onze digitale ‘vrienden’?

aan de slag
Het is duidelijk, dat de Week van de Mediawijsheid er niet voor niets is. Er is nog een flinke inhaalslag te slaan! Al op jonge leeftijd moeten we met leerlingen aan de slag! Daarbij kunnen we van hén minstens zo veel leren als zij van ons! Laten we vooral ook het goede voorbeeld geven. Er zijn gelukkig al diverse goede voorbeelden van zinvol, positief en leerzaam (social) mediagebruik in het onderwijs. Laten we de goede voorbeelden volgen en vooral ook delen!

Mediawijsheid begint niet morgen maar vandaag! En dan eerst bij ons zelf …

Tot zover de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar wil je wel je mening of ervaringen delen? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Geef het door via discussiedinsdag.yurls.net. Daar vind je ook alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook het archief van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @Hogenkampv , @GuusBouwhuis71 , @henkvangils , @lexhupe , @Sjaboepaan , @ManuBorghs

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.30 uur en 13.30 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT via de hashtag #netwijs. Ook de rest van de week interessant om te volgen!

donderdag 22 november 2012

Aan de slag met social media in het onderwijs

Van 23 t/m 30 november 2012 is het de 'Week van de Mediawijsheid'. Overal in het land worden dan activiteiten georganiseerd om aandacht te besteden aan mediawijsheid. Alle informatie over deze week is te vinden op weekvandemediawijsheid.nl 

mediagebruik
Dat het onderwerp een week lang volop in de schijnwerpers staat is een goede zaak! Naast het feit dat er ongelofelijk veel gebruik wordt gemaakt van media en social media blijkt er ook nog veel onbekendheid te zijn; bij leraren, bij leerlingen en ook bij ouders. Die onbekendheid roept bij iedereen weer een andere reactie op. De één wordt nieuwsgierig en gaat experimenteren, de ander wil er niets mee te maken hebben. Onbekendheid, onwetendheid en angst zijn vaak slechte raadgevers. Juist daarom is het van belang je te verdiepen in het onderwerp. 'Wat kán je er mee?' komt eerst. 'Wat wíl je er mee?' komt daarna.

social media
Kinderen komen overal in aanraking met social media. Je kunt geen televisieshow bekijken of je wordt opgeroepen om te reageren via social media. Kinderen worden nieuwsgierig en willen graag mee doen. Ze maken een account aan en gaan aan de slag. Al doende ontdekken ze vanzelf hoe het werkt. Op zichzelf een hele gezonde en leerzame houding. Tegelijkertijd blijkt in de praktijk, dat ze veel ook niet ontdekken of te laat. Ook zijn ze zich van bepaalde consequenties niet bewust.

vaardigheden en onderwijsdoelen gaan samen
De vraag is eigenlijk: Gooi je ze in het diepe of geef je ze zwemles? Door op school social media in te zetten als middel kun je ze spelenderwijs vaardigheden bij brengen en bewust maken van dingen. Laat je leerlingen eens een krantenartikel lezen en vraag ze om de kerngedachte weer te geven in een tweet van 140 tekens met daarbij een afgesproken hashtag om de tweets gemakkelijk terug te vinden. Bekijk vervolgens gezamenlijk alle tweets. Heeft iedereen dezelfde hoofdgedachte er uit gehaald? Hoe is er geformuleerd? Snap je wat de ander bedoeld? Een eenvoudig voorbeeld waarbij niet het middel, maar het doel centraal staat, namelijk het formuleren van de kerngedachte. Tegelijkertijd maken ze zich echter ook vaardigheden rond het middel eigen. Een mooie dubbelslag. Door deze variatie in werkvorm, zal bovendien ook de motivatie voor Begrijpend Lezen nog eens toenemen!

gratis whitepaper social media in het onderwijs
Nu blijken er in de praktijk ook haken en ogen te zitten aan het gebruik van social media. En daarbij: Waar begin je? Om scholen te helpen bij hun oriëntatie op het gebruik van social media in het onderwijs hebben de onderwijsadviseurs van Station to Station een whitepaper opgesteld. Een document met heel veel aandachtspunten om scholen te helpen om concreet en goed voorbereid aan de slag te gaan. Deze whitepaper is gratis te downloaden vanaf de website.

Wil je als school een inspiratiesessie of training voor de leraren of docenten organiseren, een informatieve ouderavond of workshops voor ouders? We helpen u graag verder! Meer informatie vindt u op de website: www.stationtostation.nl. Neem vrijblijvend contact met ons op, bel 0348- 44 69 63, mail naar info@stationtostation.nl of via het contactformulier.

Mijn E-deaal


Enige tijd geleden schreef Station to Station een fotowedstrijd uit. Leraren werd gevraagd in beeld te brengen hoe zij concreet social media inzetten tijdens hun lessen. De winnaar werd gekozen tijdens een speciale editie van #netwijs Discussie Dinsdag. Erwin Daniëls, docent Engels/Nederlands bij de Horeca Vakschool Rotterdam, werd de winnaar van een inspiratiesessie social media.

Onderstaand beschrijft hij zijn E-deaal:

Leerlingen komen het lokaal in. Vinden een plaats. Her en der zijn QR-codes beschikbaar met opdrachten en antwoordmodellen. Via een persoonlijke omgeving ontstaat een portfolio. Beoordeeld werk binnenhalen op webmail, commentaar geven via Twitter. Presentatie op YouTube, stilstaand beeld op Instagram.

theorie werkwoordspelling.
Eerst ik, dan mijn virtuele assistent. Intussen heeft iedereen de app gedownload en geïnstalleerd en kan ermee aan de slag. Door per vraag in te laten sturen zijn de grafieken realtime zichtbaar. De klas ziet dat 100% kiest voor stam + dt. Afkijken mag maar is niet meer nodig. De enkeling die een spelletje speelt, intussen What’sAppt of pingt zou onder andere omstandigheden meer storen.

mondelingen Engels
Vierdejaars oefenen met tweedeklassers die aan elkaar hun favoriete websites laten zien en vertellen waarom zij deze site zo interessant vinden. De gesprekken worden vastgelegd. In een online versie kunnen bijvoeglijke en zelfstandige naamwoorden worden veranderd, en ontkenningen toegepast. De tweedeklassers voeren hun gesprek voor de klas en dit wordt gefilmd. Vierdeklassers ondertitelen de filmpjes en een database met oefenmateriaal ontstaat.

Poezie en literatuur
Kennismaken door het uitvoeren van een webquest. Het aanmaken van een eigen pagina over een deelonderwerp, een blog bijhouden als fictiedossier en het vergelijken van samenvattingen of uittreksels en daarbij uitleggen waarom de ene meer bruikbaar is dan de ander. Door het geven van commentaar, of likes via FaceBook wordt een beoordeling gegeven.

Woordenschat
Via WRTS kunnen lijsten worden aangemaakt, gedeeld en getoetst. Oefenen via PC of smartphone, resultaten mailen en vervolgens terugkoppelen. Ook door het simpelweg invoeren van woorden en hun betekenis kan je een woordzoeker maken, voor hogerejaars eventueel een kruiswoordpuzzel. Beelden zoeken bij woorden kan gemakkelijk met google-images en een rebus is dan snel gemaakt. Een woordweb maken en dit delen, maar ook vrije schrijfopdrachten die door iedereen kunnen worden gelezen en bewerkt

administratie
Ook alle administratie gaat digitaal. De leerling volgt het leerlingvolgsysteem. Lesstof blijft bewaard, kan worden bewerkt, en resultaten zijn overal en altijd beschikbaar. Ouders volgen de vorderingen van hun kind en zien wat afgerond is en wat nog niet. Op vaste momenten zijn docenten beschikbaar via Skype, Twitter oid om vragen te beantwoorden. Als extra service maken examenkandidaten een account aan om buiten schooltijd (huiswerk)vragen te beantwoorden, wat voor hen weer een cijfer oplevert voor het betreffende vak.

vergaderen
Vergaderen ten slotte gebeurt voor het grootste deel digitaal via een forum met discussiegroepen. Voor geselecteerde gebruikers alleen te lezen, voor anderen openbaar om te reageren en mee te beslissen. Mededelingen kunnen op ieder gewenst moment worden gedaan, alles is altijd terug te vinden. Zoals een besluit smartphones toe te staan in de les, we hebben niet voor niets WiFi in het gebouw, nietwaar?

Erwin Daniëls

dinsdag 20 november 2012

Facebook wil leeftijdsgrens van 13 jaar loslaten, maar is dat wenselijk?


Het onderwerp vandaag op #netwijs Discussie Dinsdag was “Facebook wil leeftijdsgrens van 13 jaar loslaten, maar is dat wenselijk?”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Onlangs verklaarde Simon Milner, de Britse beleidsdirecteur van Facebook , tegenover de Sunday Times dat Facebook overweegt om de leeftijdsgrens van 13 jaar naar beneden bij te stellen. De wetgeving in de VS vormt daarvoor echter nog een obstakel. Een mogelijke oplossing is om niet meer wereldwijd dezelfde leeftijdsgrenzen te hanteren.
In Nederland speelt de privacy-wetgeving nog een rol. Kinderen onder de 16 moeten, volgens die wet, toestemming hebben van hun ouders. Hun gegevens mogen niet zomaar worden opgeslagen. Hoe Facebook daar dan mee om zal gaan is nog niet bekend.

onderzoek
Uit grootschalig Europees onderzoek blijkt, dat kinderen massaal de leeftijdsgrenzen negeren. Van de 11- en 12-jarigen heeft ongeveer 60% een social media-account  en van de 9- en 10-jarigen zo’n 30%, zo lazen we in de Telegraaf. De controle is echter erg lastig en dus wordt er gedoogd.

Het liegen over de leeftijd brengt met zich mee, aldus Justine Pardoen van Ouders Online in een interview met BNR, dat bedrijven als Facebook en Hyves niet medeverantwoordelijk gemaakt kunnen worden voor een veilige omgeving voor jongere kinderen. Officieel hebben deze kinderen immers geen account!

Wat doe jij?
De vraag is hoe wij hier in het onderwijs mee om gaan? Gaan we mee in de gedoogcultuur of houden wij ons netjes aan de regels? In de praktijk blijkt dat inderdaad veel basisschoolleerlingen, met name in de bovenbouw, al een account hebben. De stap om dan ook maar een groep aan te maken, zodat leerlingen bijvoorbeeld samen kunnen werken, is klein. Maar wat doe je dan met leerlingen die géén account hebben? Maak je er dan als leerkracht één voor ze aan?

alternatieven
De meeste discussie-deelnemers zijn van mening, dat je het niet kunt maken als basisschool om de regels te negeren. Doen ze het thuis, dan is het de verantwoordelijkheid van de ouders. Gebruik in het VO is deels ook discutabel. “Je laat ze in de klas toch ook geen 16+ video-games spelen?”  of “je laat ze in het middelbaar toch ook geen Franse Wijnen proeven?” Wil je toch leerlingen online laten samenwerken of iets doen met een sociaal netwerk, dan zijn er prima alternatieven. Denk bijvoorbeeld aan Edmodo. “Alternatieven zoeken vergroot meteen de kennis en het enthousiasme van de docenten”.

goede begeleiding
Toch zijn er ook voorstanders. Er zijn docenten die bijvoorbeeld via een Facebook-groep huiswerkbegeleiding geven en leerlingen elkaar laten helpen met onder supervisie. Ook op basisscholen wordt er gebruik van gemaakt. “Spreek dan wel duidelijke regels af en maak zelf de accounts aan” aldus een ervaringsdeskundige. Een argument is, dat ze zo al vroeg op een positieve manier en met goede begeleiding gebruik leren maken van sociale media en niet ineens in het diepe worden gegooid. Wel is het belangrijk om de ouders goed in te lichten, ze om toestemming te vragen en er voor open staat om uitleg te geven.
Waarom?
De vraag aldus één van de discussiedeelnemers is: “Waarom zou een leraar Facebook willen inzetten? Wat wil hij/zij als leeropbrengst? Kun je dit met sociale media behalen?” Daar voegen we dan nog aan toe de vraag: Kies je dan zélf de middelen of het platform of laat je je leiden door wat ánderen doen of wat nu eenmaal veel in gebruik is?

De vraag die niet beantwoord werd: Zijn er lós van de leeftijdsregels redenen om kinderen niet op Facebook te laten? Deel je mening met ons!

Tot zover de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar wil je wel je mening of ervaringen delen? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Geef het door via discussiedinsdag.yurls.net. Daar vind je ook alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook het archief van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @Timgearz , @Marathonkeje , @Sjaboepaan , @GuusBouwhuis71 , @rgijsbrechts , @devlies , @compie67

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.30 uur en 13.30 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT via de hashtag #netwijs. Ook de rest van de week interessant om te volgen!

zaterdag 13 oktober 2012

Aan de slag met Web 2.0 of Sociale Media in het onderwijs

Op 6 oktober werd in het gebouw van Beeld en Geluid in Hilversum de nieuwe uitgave van BoekTweePuntNul gepresenteerd. We brengen het hier graag onder de aandacht. Ook drie van onze onderwijsadviseurs werkten er aan mee: Henk Heurter, Karin Winters en Catharinus Doornbos.

BoekTweePuntNul is een initiatief van Louis Hilgers en Tessa van Zadelhof. Zij deden een oproep wie wilde helpen om web 2.0-toepassingen, social media-platforms en webtools  te beschrijven voor het onderwijs. Het resultaat was een boek met 125 hoofdstukken,  geschreven door even zoveel verschillende auteurs.
Naast de gewone editie werd ook een speciale onderwijs-editie uitgegeven, beide bij Van Buurt Boek.

Nu willen web 2.0-toepassingen soms wel eens veranderen. Daarnaast komen er geregeld nieuwe bij, die voor het onderwijs zeer goed bruikbaar zijn. Daarom is nu een nieuwe editie uitgekomen, waarin enkele oude hoofdstukken zijn aangepast of vervangen. Daarnaast zijn 75 nieuwe hoofdstukken toegevoegd.

App
Beschik je over een tablet, dan is de eveneens nieuwe app van BoekTweePuntNul een aanrader. Via de app kan van elke toepassing snel de beschrijving worden opgezocht en ook doorgeklikt worden naar de webtool zelf, mits er een internetverbinding beschikbaar is. De app is voor een eenmalig bedrag aan te schaffen in de AppStore (iPad) of GooglePlay (Android). In eerste instantie heb je dan de beschikking over de 125 hoofdstukken uit de eerste editie. Na de (gratis) update zal de complete serie uit de tweede editie beschikbaar zijn.

HandBoekTweePuntNul
Naast de nieuwe uitgave en de app is ook HandBoekTweePuntNul  uitgegeven. Een handzaam boekje waarin 12 deskundigen hun licht laten schijnen over het gebruik van Sociale Media in het onderwijs. Daarbij komen verschillende onderwerp aan de orde zoals didactiek, leerkrachtcompetenties, klassenmanagement, kansen en gevaren.

inspiratieboek

We wijzen u in dit kader ook graag nog even op het 'Inspiratieboek Sociale Media in de basisschool' van  MijnKindOnline, waaraan we eerder op dit edublog aandacht besteed hebben. Eveneens een bron van inspiratie!

workshop
Wil je als leerkracht of decent aan de slag met Web 2.0 in je lessen of iets gaan doen met Sociale Media? Dan zijn de genoemde boekjes en/of de app een aanrader. Wil je graag praktisch aan de slag en met collega’s samen, bij u op locatie, ontdekken hoe je met deze middelen je lessen kunt verrijken? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. We zetten graag de mogelijkheden op een rij! U kunt bellen met één van onze Onderwijsadviseurs via 0348-446963 (optie 2) of via het contactformulier op de website.

gratis lesbrieven
Kijk ook eens bij onze gratis lesbrieven,  die we gemaakt hebben bij verschillende web 2.0-toepassingen. Aan de hand van een concreet onderwerp of vakgebied laten we u zien hoe u morgen met deze toepassingen aan de slag kunt gaan in uw klas!

dinsdag 25 september 2012

Project X is de schuld van de media!

Het onderwerp op #netwijs Discussie Dinsdag was “Project X is de schuld van de media!”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting. 

Als eerste kwam aan de orde: hoe behandel je dit onderwerp in de groep op school? Hoe zou jij het vinden als een klasgenoot een dergelijk evenement had georganiseerd? Hoe zou jij je voelen als jij dit per ongeluk had veroorzaakt?

Het gaat in essentie over online groepsdynamica. Hoe reageer je in een groep? Durf je je eigen mening te houden of laat je je leiden door de massa? 

Of het nu gaat om offline of online groepsdynamica, toch zou hier in het kader van Mediawijsheid ook bij stil moeten worden gestaan. In sommige begrijpend leesmethoden en methoden voor sociaal emotionele vorming komt dit ook aan de orde (ook al is dit vaak niet gekoppeld aan het vergrotende effect van de media zoals TV, radio en sociale media).

Eigenlijk zouden journalisten en TV makers ook op mediawijsheid cursus moeten om te kunnen overzien welke vergrotende effecten ze eigenlijk hebben. (nieuwswaarde versus sociale veiligheid). Een opmerking van één van de deelnemers was: "Wat je aandacht geeft, groeit" 

In Hoorn waren ook dergelijke Project X evenementen, alleen was hier slechts de politie en ME van op de hoogte en dus liep het niet zo uit de hand als in Haren.

Tot zover de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar wil je wel je informatie delen of aanvullen? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Geef het door via discussiedinsdag.yurls.net. Daar vind je ook alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook het archief van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee: 
@Netwijs , @anthonyvdzande , @pietvsz, @mirellevoskes

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.30 uur en 13.30 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

maandag 2 juli 2012

Groepsversterking door Social Media gebruik

Op maandagochtend 2 juli 2012 waren we te gast bij het AOC De Groene Welle in Zwolle om een inspiratiesessie Social Media en Web 2.0 toepassingen te verzorgen.

Een goed begin...
Voorafgaand aan de bijeenkomst hebben we bij de leerkrachten een Quickscan uitgezet om te inventariseren wat ze al weten over Social Media, wat ze zoal privé gebruiken en wat ze al inzetten in de groep en wat ze zeker wilden leren tijdens deze bijeenkomst.  Een goede intake is het halve werk...

#DGWNetwijs
We zijn begonnen met Twitter, waarbij we ook direct praktisch een hashtag (#DGWNetwijs) in het leven hebben geroepen waar de deelnemers gebruik van konden maken.  Allereerst inspirerende voorbeelden over hoe je Twitter op school en in de klas kan gebruiken. De vragen en opmerkingen van de deelnemers tijdens dit onderdeel  verschenen in een tweetwall.


Profileren van je school en jezelf
Daarna hebben de docenten een LinkedIn account aangemaakt als ze deze nog niet hadden en zijn ze lid geworden van een aantal groepen, die betrekking hebben op hun vakgebied: "Wildlife", "Dierenverzorging", etc. Een mooie plek waar je als professionals kennis kunt delen. Voor de studenten en leerlingen zou dit in het laatste schooljaar een mooie opdracht zijn om zichzelf digitaal te presenteren en zichzelf te profileren om een baan te vinden in de branche waar ze graag werkzaam willen zijn.

Web 2.0 toepassingen
Door onze wervelende en inspirerende Prezi presentatie door Web 2.0 toepassingen werden veel leerkrachten geënthousiasmeerd en werd er druk mee geschreven. Van Slideshare tot Qik.com.

Groepsversterking door Social Media gebruik
Uit de Quickscan bleek dat heel wat docenten al wel privé veel met Facebook deden, maar (nog) niet met  de leerlingen. Toch was er één docent die Facebook al heel goed inzette met haar groep.

Aan het eind van het schooljaar schrijven de leerlingen een ondernemingsplan en geven hierover ook een presentatie. Doordat de studenten in deze periode ook op stage zijn, is het lastiger om met elkaar te communiceren. De docent kreeg veel dezelfde vragen via de mail van de leerlingen. Om dit te ondervangen heeft ze een groep aangemaakt op Facebook, waarvan alle leerlingen lid zijn geworden (privé gegevens kunnen prima worden afgeschermd, hierop zijn we tijdens de bijeenkomst uitgebreid ingegaan). In deze groep konden ze vragen kwijt over het ondernemingsplan. Ze hielpen elkaar. Er werden 'polls' gehouden om te stemmen over bepaalde onderwerpen. Hierdoor heeft de docent veel minder 'dezelfde' vragen gekregen en leefden de leerlingen echt met elkaars plannen mee. De meeste leerlingen hadden al een Facebook account en hierdoor was het dus ook erg laagdrempelig voor hen om te gebruiken. Ook heeft ze een aantal data en tijden doorgegeven waarop "Facebook spreekuur' werd georganiseerd. De hele groep was dan tegelijkertijd online, zodat LIVE gereageerd en gechat kon worden.


Tijdens perioden waarin de contactmomenten met de groep minder zijn (tijdens stages), kan Social Media uitkomst bieden en het contact met de groep versterken.


Hoe nu verder?
Dit was een eerste stap: inspireren, informeren en verkennen. Na de zomervakantie komt er een vervolg. 


Wilt u ook meer doen met Social Media in uw onderwijs? Neem vrijblijvend contact met ons op... We helpen u graag op weg! Tel. 0348 - 44 69 63 of via onze website.



donderdag 28 juni 2012

Inspiratieboek Sociale Media op de basisschool

“Een moeder nam contact met me op voor tips. Ze had gehoord wat we deden met iPods in groep 4 en was daar enthousiast over. Ze vertelde dat haar zoon autisme had. Hij was gefascineerd door computers e.d. Ze zocht naar mogelijkheden om daar gebruik van te maken. Ik ben vanuit de interesses van haar zoon, o.a. muziek, gaan zoeken naar leuke apps die ze voor hem zou kunnen gebruiken. Zo vond ik bijvoorbeeld een app om zelf muziek mee te maken.  Later hoorde ik van zijn moeder dat haar zoon er enorm veel plezier in had. Het stimuleerde hem enorm en hij begon zelfs voorzichtig te praten! Iets wat hij nog niet eerder gedaan had! Dát is precies waar je het allemaal voordoet!”

Een stukje uit het enthousiaste verhaal van Gerko Warner, adjunct-directeur en leerkracht op PCBS De Es in Hellendoorn, tijdens de presentatie van het nieuwe boek van Mijn Kind Online: Sociale Media op de basisschool – de leerkracht maakt het verschil. In het boek staan verhalen van leerkrachten die op de één of andere manier gebruik maken van Sociale Media in hun lessen, voor communicatie met ouders of voor kennisdeling. Heel praktisch vertellen ze hoe ze het aanpakken en vooral ook wat het oplevert. In totaal 21 enthousiaste en laagdrempelige voorbeelden om andere ook leerkrachten enthousiast te maken en op weg te helpen.

Daarnaast bevat het prachtig vormgegeven boek een stappenplan om scholen op weg te helpen om zelf ook aan de slag te gaan met Sociale Media in het onderwijs. Ook bevat het boek een poster met een aantal leuke tools om uit te proberen. Met recht staat er ‘Inspiratieboek’ op de voorkant van het boek! Een boek dat thuis hoort in elke personeelskamer!

Het boek is te bestellen via de website van Mijn Kind Online. Dank zij de steun van KPN Onderwijs is het boek ook gratis te downloaden. Een aanrader voor iedere leerkracht die aan de slag wil met de vele mogelijkheden van Sociale Media en een uitdagende leeromgeving wil creëren.

Heb je zelf ook ervaring met het gebruik van Social Media in de klas? Misschien naar aanleiding van het boek? Deel je ervaringen met andere leerkrachten door je verhaal als reactie op deze blog te plaatsen!

Heb je interesse in een insiprerende workshop waarin je met collega's concreet aan de slag gaat? Neem dan vrijblijvend contact met ons op!

woensdag 20 juni 2012

Scholen winnen aan kwaliteit door digitale huiswerk- en leerlingbegeleiding


Het onderwerp gisteren op #netwijs Discussie Dinsdag was “Scholen winnen aan kwaliteit door digitale huiswerk- en leerlingbegeleiding”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Docenten geven geregeld aan, dat de begeleiding van leerlingen onder druk staat door alle veranderingen en bezuinigingen. Meer doen in minder tijd. Sommige leerlingen zouden eigenlijk meer begeleiding nodig hebben, maar tijdens de contacturen is daar eigenlijk de gelegenheid niet voor. Zou de inzet van digitale middelen mogelijkheden bieden om de pijn enigszins te verlichten? Zou je daarmee wellicht ook meteen een kwaliteitsslag kunnen maken door een deel van de begeleiding digitaal te laten plaatsvinden? Bijvoorbeeld een digitaal spreekuur, tussentijdse feedback op bepaalde opdrachten of samen brainstormen zodat de leerlingen weer verder kunnen. Zou je dan de contacturen op school vervolgens ook anders in kunnen richten?

Enkele discussiedeelnemers hebben al enige ervaring met digitale vormen van begeleiding. Er werden verschillende mogelijkheden genoemd om in te zetten:
  • De ELO (Elektronische Leer Omgeving) van de school waarin je materialen kunt klaarzetten, kunt plannen, feedback kunt geven en kunt samenwerken.Een Facebook-groep om met de klas, of een deel daarvan, te brainstormen, vragen over huiswerk kunnen bespreken, etc.
  • Korte tips en aanwijzingen geven via Twitter
  • Begeleiding op afstand tijdens stage via Skype
  • Huiswerkbegeleiding via een forum
  • Tussentijds ouders op de hoogte houden van bepaalde ontwikkelingen, bijvoorbeeld via de mail, i.p.v. wachten tot de spreekavond.
  • Google Docs om samen documenten te delen of als klassikaal schrift.
  • Edmodo – een gratis te gebruiken omgeving vergelijkbaar met een ELO
  • VAL-concept (Virtual Action Learning) – gericht op samenwerken en samen construeren
Daarnaast werden verschillende aandachtspunten en ervaringen genoemd, die goed zijn om te overdenken, wanneer je met digitale begeleiding aan de slag zou willen:
  • Het versterkt de relatie met je leerlingen. Maar dan moet die relatie er al wel zijn! Het is aanvullend en heeft daardoor ook meer effect.
  • De bevlogenheid van een docent speelt een belangrijke factor.
  • Digitale bereikbaarheid werkt drempelverlagend.
  • Leerlingen die normaal gesproken niet echt wat met elkaar hebben of elkaar niet direct opzoeken, staan digitaal wel voor elkaar klaar.
  • In veel gevallen zoeken leerlingen elkaar nu al op via de sociale media, wanneer ze vragen hebben over huiswerk e.d. Spontaan gebeurt er dus al het een en ander. Bespreek dus goed met de leerlingen wat jij daar aan toe zou kunnen voegen. Maak met leerlingen zelf bespreekbaar wat zij handig zouden vinden en waar zij behoefte aan hebben. Ga niet voor hén denken, maar denk samen.
  • Maak bespreekbaar met leerlingen wat ‘elkaar helpen’ betekent. Elkaar de antwoorden doorspelen lijkt handig, maar levert je uiteindelijk niets op.
  • Als leerlingen elkaar dingen uitleggen, is dat meteen voor hen zelf ook weer een leermoment en voor jou als docent geeft het inzicht in de vraag of ze de leerstof begrepen hebben of niet.
  • Niet elke begeleiding is geschikt om digitaal te doen. Persoonlijke zaken, slecht-nieuws-gesprekken of andere gevoelige onderwerpen kunnen beter face-to-face besproken worden.
  • Mailtjes of berichten kunnen door de lezer anders opgevat worden dan jij hebt bedoeld. Dat kun je dan niet altijd direct rechtzetten. Als leerkracht/docent moet je hier allert op zijn.
  • De leeftijd van de leerlingen is van invloed op wat je kunt inzetten, wat het oplevert en op de hoeveelheid begeleiding die het van jou zelf vraagt. Welke verantwoordelijkheden kun je bij je leerlingen neerleggen? Hoe gaan zij daar mee om? Zijn ze zelfstandig genoeg?
  • Digitale begeleiding moet niet gericht zijn op controle van leerlingen, maar op hulp geven!
  • Om het behapbaar te houden voor jezelf is het handig niet allerlei platforms naast elkaar te gebruiken. Hou het overzichtelijk voor jezelf en je leerlingen. Anders neemt de werkdruk juist toe in plaats van dat het je wat oplevert. Het is geen doel op zich, maar een middel!
  • Mondeling feedback geven is vaak sneller, maar wel korter en niet terug te lezen. Digitale feedback kost meer tijd, maar kan vaak wat uitgebreider en is ook achteraf nog eens terug te lezen.
Een belangrijke nuancering tot slot van één van de discussiedeelnemers: hét toverwoord is ‘effectiviteit’ (= de goede dingen doen). Dat is wat anders dan ‘efficiency’ (= de dingen goed doen,ook de verkeerde). Aan de docent de uitdaging om daar een goede balans in te vinden.

Tot zover de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @Wiswijzer2 , @karinwinters , @JelvanRijn , @jong_leren , @rgijsbrechts , @cognosceleonem , @Sjaboepaan , @michelboer , @BartholomeusLB , @gerarddummer , @ToussaintLemeer

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 20.00 uur en 21.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

woensdag 13 juni 2012

Kinderen en mobielgebruik - Welke manieren brengen wij ze bij?


Het onderwerp gisteren op #netwijs Discussie Dinsdag was “Kinderen en mobielgebruik - Welke manieren brengen wij ze bij?”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Kinderen lopen op steeds jongere leeftijd met een mobieltje in hun zak. Handig om mee te communiceren, muziek te luisteren, games op te doen, etc. Maar hoe ga je eigenlijk met een mobieltje om? Zijn er bepaalde gedragsregels, die we de kinderen meegeven als het gaat om het gebruik van het mobieltje? Is dat een verantwoordelijk van de ouders of ook van school? Wat zijn de ‘do’s en dont’s’?

Het gebruik van de mobieltjes is niet meer weg te denken. Zeker met de smartphone hebben we een apparaat op zak met ongekende mogelijkheden. Dat biedt kansen, ook voor het onderwijs! Tijdens eerdere discussies hebben we die mogelijkheden al eens onder de loep genomen. Toch zijn de meningen er binnen het onderwijs nog ernstig over verdeeld. De ene school verbiedt mobieltjes rigoureus, de andere staat het alleen toe in pauzes en weer een andere staat het onder voorwaarden ook tijdens de les toe. In dat laatste geval dan vaak alleen wanneer het gericht is op het uitvoeren van de lesopdrachten.

Daarbij ontstaat er een zeker schemergebied. Want hoe controleer je of de leerling inderdaad met zijn opdrachten bezig is en niet stiekem ook even zijn Facebook checkt of even via WhatsApp een berichtje beantwoordt. Voor de één is dit reden om het dus tijdens de les niet toe te staan. Een ander geeft aan dat dit een vertrouwenskwestie is. Je moet je leerlingen serieus nemen en hen vertrouwen schenken. Daarmee bereik je het meest. En wanneer ze dat vertrouwen beschamen, dan heb je wat om over te praten. Maak het dan bespreekbaar en maak vervolgens samen afspraken om weer verder te kunnen.

Daarmee komen we weer terug bij de vraag: Hoe ga je nu op een gezonde manier met je mobieltje om? Wat doe je wel en wat niet? Wanneer wel en wanneer niet? En waarom? Een irritatie die bij verschillende discussie-deelnemers naar voren komt, is gericht op mensen die aldoor op hun telefoon kijken terwijl je met ze in gesprek bent. Het gevoel, dat ze met hun aandacht bij andere zaken zitten en niet bij jou. Dit zelfde punt komt in verschillende onderzoeken als grootste irritatie naar voren.

Het gaat hier om de sociale omgang. Als je met iemand in gesprek bent, toon je belangstelling, heb je een goede luisterhouding. Dat is ook een kwestie van respect voor je gesprekspartner. Op zulke momenten dus even de telefoon uit, op stil of op de trilstand. Alhoewel, als je een telefoon voelt trillen of je hoort het geluid van een notificatie , dan ben je toch al weer even afgeleid en ben je in gedachten toch al snel bezig met de vraag wie of wat dat geweest zou kunnen zijn. Keuzes maken dus! Bewust even uit zetten.

Maar hoe leer je dat? Stel je dat als opvoeders als regel? Onder het eten en als er visite is geen telefoon aan? Tijdens de les de mobieltjes uit? Of laat je het gewoon gebeuren en maak je het bespreekbaar op een moment dat het zich voordoet? Zo van: “Kan die telefoon ook even uit, want ik heb het gevoel, dat je niet echt naar me luistert als ik wat vertel! Ik zie, dat je aldoor afgeleid bent.” Je irritatie benoemen; zeggen wat het met je doet. Dat is wellicht het meest leerzaam.

Waarom zou je eigenlijk aldoor bereikbaar moeten zijn? Interessant om eens met elkaar in de klas of met je eigen kinderen bespreekbaar te maken. Belangrijk daarbij is ook je eigen voorbeeldgedrag. Hoe ga je er zelf mee om als ouder of als leerkracht? Als de vaste telefoon rinkelt tijdens het eten, neem je die dan wél op? Als een collega tijdens je les binnen komt stappen, accepteer je dat dan wél? Voorbeeldgedrag gaat dus verder dan alleen specifiek rond het omgaan met een telefoon. Wanneer ben je bereikbaar voor anderen en wanneer niet? Kun je ook zonder? Daarin moet je keuzes leren maken. Goede voorbeelden zijn daarbij helpend, meer dan het opgeheven vingertje.

Voorbeeldgedrag kan overigens ook betrekking hebben op het efficiënt gebruik maken van de mogelijkheden van telefoon. Als je je leerlingen laat zien hoe jij met een bepaalde app snel aan bepaalde informatie komt, zaken opslaat of deelt met anderen, dan steken zij daar weer wat van op voor zichzelf. Laat dus vooral de meerwaarde zien die het voor jou heeft en welke keuzes je ook daarin weer maakt.
Een ander punt dat werd aangestipt was de financiële kant van het mobielgebruik. Hoe houd je de kosten binnen de perken en voorkom je verrassingen? Een mooi onderwerp om met kinderen te bespreken en ook hun eigen ideeën over te horen. Soms hebben ze zelf hele creatieve oplossingen!

Ook het punt van elkaar pingen of sms’en terwijl je elkaar net nog hebt gezien of zo weer gaat zien, wordt als irritatiepuntje genoemd. Zeg het dan gewoon tegen elkaar! Daarbij: tekstberichten komen eerder verkeerd over dan wanneer je iets rechtstreeks tegen iemand zegt. Je kunt het gemakkelijker verkeerd opvatten en vaak durven ze via tekstberichten meer te zeggen dan rechtstreeks in iemands gezicht. Goed om je daar bewust van te zijn!

Een ideetje voor in de klas: Doe eens op het digibord de test op Mobielemanieren.nl en bespreek de uitkomsten gezamenlijk. Mooie ingang voor een gesprek!

Er blijven nog genoeg vragen over. Maak je filmpjes van medeleerlingen? En wat doe je daar vervolgens mee? Wat doe je met foto’s? Verwijder je die als iemand op de foto je daar om vraagt? Kortom: Kinderen en mobielgebruik - Welke manieren brengen wij ze bij?

Tot zover de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @anthonyvdzande , @mavogrotius , @cognosceleonem , @Sjaboepaan , @karinwinters , @JelvanRijn , @JaapSoft , @RJoch , @HvanSchie , @KiindNL , @tijshuisman , @aukjederuijter , @ToussaintLemeer , @Hster

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 20.00 uur en 21.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

woensdag 6 juni 2012

Sociale media omarmen op school is hét middel om incidenten te voorkomen


Het onderwerp gisteren op #netwijs Discussie Dinsdag was “Sociale media omarmen op school is hét middel om incidenten te voorkomen.”  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Scholen worstelen er mee, die sociale media. Moeten we daar wat mee? Willen we daar wat mee? Wat dan? Hoe dan? Daarbij is er enerzijds aandacht voor de kansen die het biedt, maar zeker ook voor de schaduwzijde. Willen we eigenlijk wel weten wat leerlingen allemaal te melden hebben op hun sociale media-accounts?

Een zoekrondje langs niet afgeschermde Twitter- en Facebook-pagina’s stemmen niet altijd vrolijk. Scheldpartijen over en weer, afgeven op school of op docenten of gewoon frustraties uiten. Uiteraard zijn er ook hele positieve pagina’s en kunnen we niet iedereen over één kam scheren. Maar toch even inzoomen op de negatieve uitingen richting school en docenten. Zou je dat kunnen indammen, of beter nog voorkomen, door sociale media op positieve wijze in te zetten tijdens je lessen en voor het contact tussen docenten en leerlingen? Bijvoorbeeld een huiswerk-spreekuur?

Verschillende ervaringsdeskundigen geven aan, dat het zeker een positieve werking heeft. Het verrijkt hun mogelijkheden om lesstof te verwerken. Tegelijkertijd kun je op een positieve manier aandacht geven aan zaken waar ze op moeten letten. Niet met een opgeheven vingertje, maar ten dienste van het slagen van de opdracht en het bereiken van de doelen. Dus meteen een stukje mediawijsheid. Inoefenen van vaardigheden aan de hand van aantrekkelijke didactische werkvormen.

Door duidelijke keuzes te maken als school en goed beleid op te zetten, kun je veel ellende voorkomen. En dan vooral in positieve zin verwoorden wat je wilt. Als je niet verder komt dan regels stellen wat niet mag en niet kan, dan bereik je het tegendeel en sta je buiten de realiteit als school. Weet dus wat je wilt en koppel het aan doelen, met het besef dat het een middel is tot en geen doel op zich.

Nu kun je ook de neiging hebben op negatieve uitingen van leerlingen via sociale media in te gaan. Daar zitten leerlingen echter niet altijd op te wachten. Niet iedereen stelt bemoeienis met privézaken op prijs. Het vraagt tact en, belangrijker nog, het vraagt om een goede band met je leerlingen, waarbij leerlingen weten dat je oprecht geïnteresseerd bent in hen en hen niet meteen veroordeelt om wat je leest. Heb je die band niet ‘in real life’, verwacht dat dan ook niet via de sociale media.

Opgemerkt werd, dat het lijkt of incidenten rond sociale media juist voorkomen op scholen waar nog geen enkele start gemaakt is met social media-beleid en -gebruik.  Of op scholen die heel erg hun best doen om het gebruik hiervan op school te weren. Onderzoek zou moeten uitwijzen in hoeverre dat beeld ook klopt.
Dan de vraag of leerlingen er wel op zitten te wachten, dat je als school de sociale media omarmt. Daarmee omarm je immers ook hun wereld; hun ‘online straatleven’. Je kijkt mee in hun privéwereld. En daar willen we dan weer een educatief sausje overheen gooien … Leerlingen lijken er soms wat huiverig voor, een bepaalde angst om zich te laten leren kennen. Het is een drempel waar ze overheen moeten, maar waar ze na goede ervaringen en wederzijds respect en vertrouwen zeker toe bereid zijn.

Het hangt overigens wel van het medium af en van de gebruikte privacyinstellingen in hoeverre je ook echt met elkaar mee kunt kijken. Maak je een aparte Facebook-groep aan dan kun je daarbinnen met elkaar delen en de rest privé houden. En dan is er natuurlijk ook nog altijd de mogelijkheid om een aparte account aan te maken voor schoolzaken. Zo kunnen zowel docenten als leerlingen privé en school gescheiden houden.

Aan de andere kant moet je je ook afvragen in hoeverre je alles in aparte hokjes moet duwen. Leerlingen zijn zoals ze zijn, inclusief hun sociale media-gedrag. Het is onderdeel van hun belevingswereld en overal mee verweven.

Tot zover de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @sannekuyt , @DigiKennis , @karinwinters , @DieterM , @JelvanRijn , @bsdeZonnewijzer , @4pip , @markderuijter , @barthoekstra , @amberwalraven , @manonbonefaas

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 20.00 uur en 21.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

dinsdag 5 juni 2012

Samenwerking Reggefiber, Residential Glas, KPN Onderwijs en Station to Station in vraagbundelingsgebied Bilthoven


Reggefiber, Residential Glas, KPN Onderwijs en Station to Station hebben samen gewerkt aan een interactief programma voor het onderwijs in Bilthoven. Station to Station was aanwezig tijdens het Glasevent op 12 mei, Reggefiber en Station to Station hebben lessen over glasvezel verzorgd voor groep 6,7  en 8 van de Julianaschool. De resultaten hiervan zijn weer gebruikt tijdens de informatieavond voor ouders en leerlingen op de Julianaschool op 24 mei.

Glasevent 12 mei
Op 12 mei werd het Glasvezel Experience Event gehouden in het winkelcentrum De Kwinkelier in Bilthoven. Op deze koude zaterdag heeft Station to Station een tent ingericht als de klas van de toekomst. Compleet met interactief scherm en verschillende tablets. In de overige tenten stonden de verschillende providers van glasvezel.  Een aantal geïnteresseerde ouders en kinderen hebben de tent bezocht. Helaas viel het bezoek van leerkrachten van de omringende scholen tegen.

Eindelijk glasvezel lessen
Op 15 en 16 mei heeft Bart van der Pol van Reggefiber groep 6, 7 en 8 van de Julianaschool in Bilthoven alles geleerd over glasvezel. De inhoud van de lessen bestond uit het bekijken van de Klokhuisuitzending over glasvezel, een knip werkblad, digitale microscoop opdrachten, het maken van een Pecha Kucha en een woordpuzzel. De voorbereiding van  de lesinhoud en de lesbrieven voor de leerkrachten zijn gemaakt door Anthony van der Zande van Station to Station. De leerlingen waren erg enthousiast en de les paste goed in het lesprogramma Techniek.

Informatieavond voor ouders en leerlingen
Op 24 mei is de informatieavond Onderwijs en nieuwe media gehouden. Hiervoor zijn alle ouders en de leerlingen van groep 6, 7 en 8 uitgenodigd. Na een korte inleiding over KPN in Onderwijs is een interactieve presentatie gehouden over de belangrijkste trends. Ouders en leerlingen zijn uitgenodigd om hun mening te geven over bijvoorbeeld online huiswerk doen thuis, openbare profielen op hyves of facebook, twitteren met de leerkracht. Na een korte uitleg over het aanleggen van glasvezel in Bilthoven, zijn de ouders zelf aan de slag gegaan om een Pecha Kucha te maken over social media. De aanwezige leerlingen hebben de ouders hierbij wegwijs gemaakt op de computers die overal op de school aanwezig zijn.
De informatieavond is gewaardeerd met een 8! Ook de schoolleiding en de sprekers zijn enthousiast.

maandag 2 april 2012

IPON Social media en onderwijs

Op 28 en 29 maart stonden we als KPN Onderwijs en Station to Station op de IPON (ICT Platform Onderwijs Nederland) beurs in Utrecht.

Karin Winters (KPN Consulting), Remco Pijpers (Mijn Kind Online) en Anthony van der Zande (Station to Station) gaven een presentatie met de titel: Social Media in het onderwijs, een creatief traject van vallen en opstaan.

Bring Your Own Device (BYOD)
Na het voorstelrondje in het rumoerige rode theater en het vaststellen dat leerlingen steeds vaker hun eigen smartphone meenemen, blijkt uit recente cijfers van Mijn Kind Online: 25% van de 8 en 9 jarigen heeft een smartphone en maar liefst 90% van de 11 en 12 jarigen is in het bezit van een smartphone.

Stelden we de aanwezigen de vraag: Mobieltjes in de klas?
Ja, gebruiken voor interactieve toepassingen of
Nee, mobieltjes zorgen enkel voor afleiding, beperken tot een minimum.

In de twee sessies was het overgrote deel het eens met de stelling dat je deze devices best eens in kan zetten tijdens de les als dit de les ten goede komt. Uiteraard niet bij elke les, maar zet het middel in om het doel van je lesonderdeel te versterken. www.mentimeter.com of www.socrative.com kunnen bijvoorbeeld heel goed gebruikt worden om een mening te pijlen en vragen te stellen.

Praktische voorbeelden
Verder hebben we tijdens onze sessie geprobeerd laagdrempelige praktische handreikingen te geven om met social media aan de slag te gaan op school. Hoe kun je Facebook inzetten? Hoe kun je Twitter gebruiken? Maar ook: Welke informatie is wel en niet waar op internet en hoe leer je leerlingen goede zoek vaardigheden.

Webcare
Het laatste onderdeel ging over webcare, hierover heeft André Manssen een mooi blogje geschreven.
Social media gebruik is onderdeel van de grote paraplu: Mediawijsheid.

Mediawijsheid
De vier onderdelen van Mediawijsheid werden toegelicht door Mijn Kind Online: Techniek, Creativiteit, Analyse en Reflectie, terug te vinden in het handboek Mediawijsheid.

Benieuwd hoe uw school ervoor staat rondom Mediawijsheid? Doe de gratis Quickscan!

Hieronder is de presentatie te vinden:



dinsdag 6 december 2011

Kinderen en sociale media? Oefenen in de echte wereld!

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Kinderen en sociale media? Oefenen in de echte wereld!” In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Als ouder sta je geregeld voor dilemma’s bij het opvoeden van je kinderen. Eén daarvan is het gebruik van Social Media. Wanneer laat je je kind een account aanmaken? Welke afspraken maak je daar over? Welk platform laat je gebruiken?
In dat kader komt ook wel eens de vraag of je als school niet een eigen platform zou moeten hebben waar je de leerlingen naar hartenlust begeleid kunt laten experimenteren. Een soort eigen Hyves-omgeving voor de school. Anderen vragen zich echter af of dit wel zo’n goed idee is. Moeten leerlingen niet gewoon in de praktijk oefenen? Een mooi discussie onderwerp!

Eén van de discussie-deelnemers vergeleek het met leren fietsen. Dat doe je ook eerst onder begeleiding. Eerst met zijwieltjes en later zonder, maar wel op een rustig stukje zonder verkeer. Daarna samen de weg op, maar altijd met iemand naast je. En zo leer je stap voor stap eerst de vaardigheid en vervolgens de ‘toepassing’.

Hoewel deze vergelijking redelijk op gaat, gaat hij op bepaalde punten ook mank. Zo bracht een andere deelnemer in, dat je direct pijn hebt wanneer je valt met je fiets. Je hebt letterlijk te maken met vallen en opstaan! Bij het gebruik van Social Media is dat niet het geval. Je maakt vaak onbewust fouten zonder direct met de consequentie te worden geconfronteerd. Gevolgen blijken soms pas heel veel later! En de oorzaak is niet in alle gevallen te herstellen.

Los van het feit of de vergelijking wel of niet op gaat, kunnen we het er wel over eens zijn, dat kinderen in veel gevallen niet overzien welke consequenties er kunnen zitten aan het gebruiken van Sociale Media. Dit vraagt kennis van het medium, over het internet, over omgangsvormen, over de wereld om hen heen, enzovoort.

De vraag is daarbij of ze deze kennis vooraf aangedragen moeten krijgen of gaandeweg moeten leren of wellicht een combinatie daarvan. Hoe dan ook, het komt er op aan dat ze hier wel in begeleid worden. Het gebruik van het medium zelf zullen ze snel genoeg onder de knie hebben, maar of ze zich dan ook bewust zijn van de keuzes die je te maken hebt, dat is een ander verhaal.

Veel volwassenen vinden dat zelf ook nog erg lastig. Kinderen geven vaak aan, dat ze er meer van weten dan hun ouders. Niet zelden leidt dat er toe, dat kinderen maar hun gang gaan en ouders er maar op vertrouwen dat er geen gekken dingen gebeuren. Lang niet in alle gevallen hebben kinderen hierover gesprekken met hun ouders.

Het is daarom niet vreemd, dat ouders vragend naar de school kijken! Kunnen ze op school er geen aandacht aan besteden? Kunnen ze daar leerlingen niet leren omgaan met dit soort zaken? Bijvoorbeeld in een vertrouwde beschermde omgeving van de school zelf?

Probleem hierbij is echter, dat deze omgeving inderdaad ook echt een afgeschermde omgeving is, waar leerlingen niet voor de keuzes komen te staan, zoals in de echte praktijk, bijvoorbeeld over hoe je je profiel op de beste manier af kunt schermen of wie je wel en niet als vriend accepteert. Hooguit kun je aandacht besteden aan digitale omgangsvormen, aan wat je wel en niet met anderen deelt, aan geschikte of ongeschikte foto’s. Een ander nadeel is ook, dat ze op deze digitale ontmoetingsplaats alleen maar kinderen van hun eigen school treffen en niet hun vriendjes of vriendinnetjes uit de buurt. Dat is vaak ook een reden waarom kinderen al snel aangetrokken worden tot platforms waar ze wél anderen treffen en vaak ook dan nog samen allerlei games kunnen spelen e.d.

In dat opzicht is er veel voor te zeggen om toch vooral gebruik te maken van de bestaande, veel gebruikte platforms zoals Hyves of Facebook. Daarbij ligt de eerste verantwoordelijkheid bij de ouders. Zij dienen aan te geven of en wanneer hun kind hiervan gebruik mag maken. Vervolgens zijn zij ook zelf verantwoordelijk voor de begeleiding daarbij. Net zoals je mee rende met je kind toen het leerde fietsen zonder zijwieltjes, zo volg je ook nu je kind op de digitale snelweg. Ouders moeten daarbij duidelijke keuzes maken en deze ook bespreken met hun kind. Zo krijgt het kind ook zelf inzicht in de te maken keuzes en de consequenties ervan. Stapsgewijs kunnen de ouders dan meer verantwoordelijkheid aan het kind overdragen.

Ook de school kan hierin zeker wat betekenen. Allereerst door samen het onderwerp te verkennen en te bespreken. Afstemming zoeken hoe je elkaar als school en ouders aan kunt vullen. Zo gaf één deelnemer aan, dat op zijn school het onderwerp jaarlijks met de ouders wordt besproken, er duidelijke afspraken zijn gemaakt en deze ook duidelijk zichtbaar bij de computers hangen.
Daarnaast kan de school Social Media bewust inzetten als leermiddel, bijvoorbeeld tijdens een project. Daarbij ligt de nadruk dan in eerste instantie niet op de gevaren, maar op de mogelijkheden die het biedt. In de zijlijn kan echter tegelijk aandacht besteed worden aan eerder genoemde zaken op het gebied van mediawijsheid. Daarmee heb je een veel positievere insteek en vaak met veel meer resultaat. Door de positieve insteek merk je vaak bij kinderen een veel opener houding en minder de noodzaak om zich af te zetten tegen regels of om te gaan experimenteren.

Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog of via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT
Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @J_Karstens , @JanWillemL , @ernomijland , @Rjoch , @Sjaboepaan , @pietvsz , @Kletskous

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.00 uur en 13.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

dinsdag 8 november 2011

Eindelijk een Social Media-protocol voor het onderwijs!?

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Eindelijk een Social Media-protocol voor het #onderwijs!” In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Vorige week publiceerde CNV Onderwijs een Social Media Protocol voor het Onderwijs. “Dit protocol heeft als doel de dialoog over het gebruik ervan op gang te brengen en een handreiking te bieden voor meer duidelijkheid in het grijze gebied tussen binnen- en buitenschools mediagebruik.” zo meldt de toelichting. Die handschoen pakken we graag op met #netwijs Discussie Dinsdag!

In kranten, op TV en radio werd er aandacht besteed aan het protocol. Veelal waren de reacties heel positief. Scholen zouden zeer geholpen zijn met dit protocol en in een behoefte voorzien. Opvallend daarbij is, dat de reacties met name afkomstig waren van leidinggevenden binnen het onderwijs en niet zozeer van leerkrachten en docenten. Hierdoor lijkt er een beeld te ontstaan, dat schooldirecteuren meer zoekende zijn met betrekking tot het gebruik van Social Media, dan de leerkrachten en docenten zelf. Of is het zoals een discussiedeelnemer aangaf: “Mensen die hun verantwoordelijkheid nemen hebben geen regels nodig.”?
Tijdens onze discussie kwamen verschillende aspecten naar voren. Verschillende mensen gaven aan, dat een protocol uit gaat van het negatieve, van de gevaren en niet van de kansen en mogelijkheden die het gebruik van Social Media biedt. Elders op dit blog hebben we daar ook al aandacht aan besteed. Laten we niet direct met het vingertje omhoog gaan waarschuwen, maar met een open blik op ontdekking gaan en experimenteren met de steeds weer nieuwe mogelijkheden en ervaringen daarmee met elkaar delen! Leerkrachten en docenten zijn voldoende professional en zijn zonder protocol, maar met een gezond verstand echt wel in staat om op een verantwoorde manier gebruik te maken van Social Media.

Aan de andere kant blijkt ook in de praktijk, dat leerkrachten en docenten het onderling niet altijd eens zijn over waar grenzen liggen, over wat wel en niet kan. Accepteer je een uitnodiging van een leerling op Facebook of Hyves wel of niet? Ja zegt de één, want wat ik op mijn profielpagina zet, zijn geen geheimen; ook niet voor leerlingen of ouders. Nee, zegt de ander. Als leerlingen met mij willen communiceren, dan kan dat op school, via de mail of via de leeromgeving. Weer een ander zit er ergens tussenin of heeft een privé-account én een ‘zakelijke’ account.
De één kent voorbeelden waarin Social Media zeer succesvol wordt ingezet door een docent of school, de ander komt met voorbeelden waarin een leerkracht over de schreef is gegaan door het plaatsen van een foto van zichzelf met een slokje teveel op, een tweet waarin frustraties worden geuit over een paar ouders of een bericht waarin bepaalde meningen worden geuit over het beleid van de school. Welk standpunt je ook inneemt, er zijn altijd wel voorbeelden bij te vinden om je gelijk te bewijzen.

Deze verschillen zijn er tussen leerkrachten en docenten in het algemeen, maar ook binnen één schoolteam. Wanneer dat naar buiten toe leidt tot een diffuus beeld is het begrijpelijk en wellicht zelfs wenselijk, dat je als directie dit aan de orde stelt. Als directie ben je immers eindverantwoordelijk voor het beeld dat men heeft van de school, zeker ouders en leerlingen. Als het gedrag van het personeel aanleiding is voor onvrede, onrust of een onduidelijkheid, dan moet je daar iets mee. “Uit het feit, dat scholen niet zelf op het idee komen een protocol en beleid op te stellen, blijkt dat ze niet Mediawijs zijn” zo merkte iemand op. “Leerkrachten hebben vooral kennis en eigen ervaring met Social Media nodig. Zodat ze weten waar ze het over hebben. Dan zijn de meesten prima in staat om zelf eigen richtlijnen te handhaven of op te stellen.” aldus een ander.

Tijdens de discussie terecht werd opgemerkt, dat dat echter niet alleen met Social Media te maken heeft, maar ook met communicatie in het algemeen. Van je personeel mag je een bepaalde basishouding verwachten als het gaat om communicatie met leerlingen, ouders en externen. Echter, elk middel heeft zo zijn specifieke aandachtspunten. Ongenuanceerde opmerkingen in een telefoongesprek hebben een andere impact dan het openbaar plaatsen van deze opmerkingen op het internet. Ook het face-to-face ontmoeten van iemand geeft een andere indruk, dan de profielpagina’s van iemand op het internet. En bovendien: geschreven communicatie is iets heel anders dan mondelinge communicatie.
Het risico van een discussie als deze is, dat verschillende zaken als snel door elkaar gaan lopen. Voor de helderheid proberen we e.e.a. van elkaar te onderscheiden. Dat leidt tot enkele vragen, die binnen een school zouden moeten worden besproken, bijvoorbeeld:
  • Met welke houding communiceren we met ouders, leerlingen en externen?
  • Waar ligt de grens tussen werk en privé? Wanneer en in hoeverre mag je je personeel of je collega’s aanspreken op hun gedrag?
  • Welke communicatiekanalen zijn er? En welke willen we als school gebruiken?
  • Welke beeld hebben ouders, leerlingen en externen van onze school? Hoe komen zij aan dit beeld?

Dit zijn min of meer ook de vragen, die in het Social Media Protocol aan bod komen, hoewel wellicht iets eenzijdiger. De vraag die echter ontbreekt in het protocol is:
  • Willen we, los van de communicatie als school, Sociale Media gebruiken als middel in onze lessen? Zo ja, is het nodig om daar gezamenlijke afspraken over te maken en welke dan?

Immers, Social Media vormen niet alleen een bedreiging, maar bieden ook kansen en mogelijkheden. Juist door ze in te zetten als middel tijdens je lessen heb je de mogelijkheid ook inhoudelijk met leerlingen in gesprek te gaan over een stukje mediawijsheid. Wat zeg je wel en niet en hoe zeg je het? Met wie deel je informatie en met wie niet? Hoe beoordeel je informatie op waarheid?

Om dat gesprek aan te gaan met je leerlingen zul je echter zelf wel over de nodige kennis en vaardigheden moeten beschikken als leerkracht of docent. Wanneer dat ontbreekt, is de kans groot, dat er een zekere angst voor het middel ontstaat of onwil om het te gebruiken. Angst uit onwetendheid. Dan is een protocol een mooie stok om de hond mee te slaan. Laten we het maar niet gebruiken, want al die gevaren, dat moeten we niet willen!

Aan de directeuren de uitdaging om dit onderwerp binnen hun team bespreekbaar te maken. Het aangereikte protocol kan daar een prima middel voor zijn. Daarbij zal de school alleen verder komen, wanneer er breder wordt gekeken naar de communicatie in het algemeen en ook naar de kennis en de vaardigheden van het personeel. Of en hoe e.e.a. vervolgens in een school-protocol wordt vastgelegd kan onderling worden afgestemd. Iets vastleggen zonder dat het bij iedereen tussen de oren zit, zal de school echter niets opleveren. Zonder achterliggend plan wordt het een papieren tijger!

Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog of via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @fanmeel , @Sjaboepaan , @Marathonkeje , @Tonmeijer1 , @GUPAGEBO , @compie67 , @Timgearz , @MariekeSimonis , @henkheurter , @pietvsz , @jvennink , @EllePeters , @JeroenGerth , @lighans , @florinablokland , @BaukevdL , @Lespakket , @FranciscaF

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.00 uur en 13.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

vrijdag 28 oktober 2011

Lessen met ICT: Het nieuws van de dag met Memolane

De trainers van Station to Station publiceren iedere twee weken een complete innovatieve les om leerkrachten te stimuleren met ICT aan de slag te gaan. De lessen staan altijd in het teken van een onderwijskundig doel waarbij een gratis toepassing op internet als hulpmiddel gebruikt wordt om een les leerzamer, boeiender en interactiever te maken.

Deze week de les 'Het nieuws van de dag met Memolane'

Memolane is een website, waarmee je online alles wat je deelt via de Sociale Media op een tijdlijn kunt zetten. Het biedt ook de mogelijkheid om dat samen met anderen te doen. Bijvoorbeeld om een gezamenlijke tijdlijn te maken rond een bepaalde gebeurtenis, zoals een vakantie, een project of de actualiteit.
Deze tool hebben we ook beschreven voor BoekTweePuntNul, een boek waarin 125 web 2.0-toepassingen worden besproken, beschreven door 125 verschillende auteurs.Aanvullend hierop hebben we een lesbrief gemaakt als voorbeeld hoe de tool concreet en doelgericht ingezet kan worden als lesmiddel.

In deze les zoomen we in op het Social Media-gedrag van leerlingen. Mediawijsheid dus! De wat oudere leerlingen, vanaf zeg maar de bovenbouw van het PO, delen heel informatie met anderen via bijvoorbeeld Facebook of Twitter: over wat hen bezig houdt, over gebeurtenissen in hun dagelijkse leven of in het nieuws, over hun hobby, hun sportactiviteiten, enzovoort. De doelgroep is afhankelijk van het medium, dat gebruikt wordt. Ook de gebruikte instellingen voor privacy spelen een rol.
Niet alles wat je deelt is voor anderen waardevol.  Het ene bericht is heel persoonlijk, het andere meer algemeen.  Maar welke informatie die je deelt via de Sociale Media is wél zinvol voor anderen? Bijvoorbeeld omdat je reflecteert op het nieuws van de dag, een nieuwtje meldt over de buurt waar je woont of de school waar je op zit, de successen van je sportclub?
In deze les kijken de leerlingen kritisch naar de berichten, die ze delen via de Sociale Media. Op basis van met elkaar opgestelde criteria beoordelen ze de nieuwswaarde ervan voor anderen. De les is bedoeld voor leerlingen uit de onderbouw van het VO, maar ook geschikt voor oudere leerlingen.

Je kunt het lesmateriaal downloaden op de website van Station to Station.

Memolane zou in het PO ook gebruikt kunnen worden in combinatie met de les 'Klassendagboek met Twitter'.


Memolane - See, Search & Share from Memolane on Vimeo.

We stellen het erg op prijs als leerkrachten hun ervaringen met ons delen. Dat kan door een bericht achter te laten op ons Blog, te Twitteren naar @netwijs of te reageren via email info@stationtostation.nl
Heeft u ook een innovatieve les gemaakt of heeft u een innovatieve ICT toepassing die u geschikt vindt. Mail ons uw les of lesidee.

P.S. Wist u dat scholen die het C3LO netwerk hebben iedere twee weken een nieuwe les op het netwerk krijgen die door de leerlingen zelfstandig verwerkt kan worden? Deze wordt door onze onderwijsredactie ontwikkeld. Een voorbeeld vindt u hier