Posts tonen met het label digitale lessen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label digitale lessen. Alle posts tonen

dinsdag 22 mei 2012

Content máák je niet, die kóóp je!


Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Content máák je niet, die kóóp je!”. In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Het onderwerp ‘digitale content’ blijft de gemoederen bezig houden. Vaak met een wisselende aanleiding. Nu speelt het weer volop in het kader van de discussies over het Bring Your Own Device-principe (BYOD). Welk materiaal ga ik daar dan voor beschikbaar stellen en hoe kom ik daar aan?

Ook tijdens eerdere discussies is het onderwerp al eens voorbij gekomen. Om het geheugen op te frissen even de links op een rijtje:
Wat vaak in discussies over content en content maken terugkomt, zo ook vandaag, zijn de volgende onderwerpen:
  • Tijd - Leerkrachten en docenten geven aan niet te weten waar ze de tijd vandaan moeten halen om zelf materialen te maken of te arrangeren.
  • Kwaliteit – Materiaal dat door anderen is gemaakt, mist vaak kwaliteit als het gaat om bijvoorbeeld inhoud, koppeling aan doelen, opmaak en layout of is door het bestandsformaat niet universeel bruikbaar.
  • Effectiviteit – Materiaal dat nu wordt gemaakt is lang niet altijd in volgende jaren ook weer bruikbaar. Dit speelt in het VO meer dan in het PO, vanwege verschillende klassen en verschillende niveaus.
  • Vindbaarheid – Het kost veel tijd om geschikt materiaal van anderen te vinden.
  • Beloning – Ik steek er veel tijd in om wat te maken, terwijl de ander er niets voor hoeft te doen. Wat krijg ik er voor terug? Wat levert het mij op? 
Om bij dat laatste te beginnen: leerkrachten zijn vaak zeer enthousiast over leuke werkbladen die ze gratis van internet plukken, over een Yurls- of Symbaloo-pagina die een ander in elkaar heeft gezet of over een prachtige digibord-les. Soms wordt er wel eens bij gezegd: “Waar halen ze de tijd vandaan om dit te maken”. We maken zelf dus graag gebruik van het werk van de ander! Wat is de ‘beloning’ die wij hen daar zelf voor geven? Een bedankmailtje, tweet, vind-ik-leuk-je? Of wellicht helemaal niets? Geven we de ander wat wel zelf ook verwachten?

Een ander punt, de vindbaarheid, kan inderdaad ook weer tijdrovend zijn. Maar ook daarvoor geldt: oefening baart kunst! En ook op dit punt is delen van kennis weer belangrijk. Deel met je collega’s de sites waar wél goede content te vinden is! Dat voorkomt bij hen weer onnodig zoekwerk! daarnaast zouden aanbieders van content beter hun best moeten doen om de materialen goed te metadateren, zodat het beter en sneller te vinden is.

Wat de effectiviteit betreft: Zelf materialen maken loont inderdaad niet altijd. Als je allemaal verschillende klassen hebt van verschillende niveaus, dan is het rendement beperkt. En volgend jaar is het maar weer afwachten of je dan weer vergelijkbare klassen hebt en of je je materiaal dan dus kunt gebruiken. Scholen zouden hier wellicht meer rekening mee kunnen bij het inroosteren van docenten, zodat investeringen ook meer lonend zijn.

De kwaliteit van de materialen is eveneens een wezenlijk aandachtspunt. Content maken is een vaardigheid op zich! Er zit veel kaf tussen het koren. Door meer gebruik te maken van de mogelijkheid die er vaak is om bijvoorbeeld met sterretjes een rating te geven aan het materiaal helpen we elkaar om sneller bij het kwalitatief goede materiaal te komen. Beheerders van content(-sites) zouden daar ook meer op kunnen anticiperen en slecht materiaal gewoon moeten verwijderen.

En dan nog de factor ‘tijd’. Die lijkt bij elke discussie weer op te doemen. Tijd heb je niet, die maak je! Dat betekent keuzes maken. Misschien eens minder vergaderen en de daardoor vrijgekomen tijd steken in meer tijd voor de lesvoorbereiding. Bepaalde activiteiten maar laten schieten en je focussen op de kerntaken? Maak keuzes dus! En daarnaast geldt: Het hoort toch ook gewoon bij je lesvoorbereiding? Dat geldt toch ook als je methode-materialen gebruikt?

Een paar tips:
  • Begin eens met een hoofdstuk of een opdracht uit de methode waar je het minst tevreden over bent! Maak daarvoor een alternatief en deel die met collega’s.
  • Laat de leerlingen de opdracht niet verwerken in het werkboek, maar met een web 2.0-toepassing
  • Leren=creëren! Zet niet zelf van alles in elkaar, maar laat de leerlingen dat eens doen, waarbij de eis is dat ze moeten voldoen aan de door jou opgegeven doelen.
Wat levert het zelf maken van content je dan vervolgens op? Een opsomming vanuit de discussie:
  • Content kopen heeft dikwijls slaafsheid tot gevolg. Zelf construeren geeft eigenaarschap.
  • Je bent op een heel andere manier met de leerstof bezig, denkt er meer over na en bent meer gericht op de doelstellingen van de les.
  • Betere afstemming op de leerbehoeften van je leerlingen, onderwijs op maat.
  • Beleving! Verbinding met wat leeft en ervaringen!
  • Meer aansluiten bij de belevingswereld, de actualiteit, de ontwikkelingen.
  • Verhoogde motivatie - Voldoening over eigen produkt
Content maken of kopen? De beste optie zal een combinatie zijn van beide, afhankelijk ook van de tijd die je er voor wilt maken als school, de visie op onderwijs die je hebt, de beschikbare budgetten, enzovoort. Hoe dan ook: Met achterover leunen komt niemand een stap verder!

Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog, via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT of via Facebook

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee: @rinusd, @Netwijs , @Timgearz, @ReinBijlsma , @Sjaboepaan, @ellishouben81 , @HVorselman , @HvanSchie , @jvennink , @KoopmansRoelof , @GuusBouwhuis71 , @WiebeA
Dank voor het delen van jullie mening en ervaring!

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp! #netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.00 uur en 13.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

maandag 23 januari 2012

Lessen met ICT: Poisson Rouge: Leerspellen voor de onderbouw

De trainers van Station to Station publiceren iedere twee weken een complete innovatieve les om leerkrachten te stimuleren met ICT aan de slag te gaan. De lessen staan altijd in het teken van een onderwijskundig doel waarbij een gratis toepassing op internet als hulpmiddel gebruikt wordt om een les leerzamer, boeiender en interactiever te maken.

Deze week de les: Poisson Rouge: Leerspellen voor de onderbouw

Poisson Rouge is een website met een grote hoeveelheid leerspellen voor kinderen in de onderbouw van de basisschool. Poisson Rouge (Rode Vis) is een Franse website, maar omdat de meeste leerspellen zonder taal worden gespeeld, is deze site prima te gebruiken voor het Nederlandse onderwijs.
In deze lesbrief worden drie leuke en leerzame onderdelen van Poisson Rouge uitgelicht.



Je kunt het lesmateriaal downloaden op de website van Station to Station.

We stellen het erg op prijs als leerkrachten hun ervaringen met ons delen. Dat kan door een bericht achter te laten op ons Blog, te Twitteren naar @netwijs of te reageren via email naar info@stationtostation.nl
Heeft u ook een innovatieve les gemaakt of heeft u een innovatieve ICT toepassing die u geschikt vindt. Mail ons uw les of lesidee: info@stationtostation.nl


P.S. Wist u dat scholen die het C3LO netwerk hebben iedere twee weken een nieuwe les op het netwerk krijgen die  door de leerlingen zelfstandig verwerkt kan worden? Deze wordt door onze onderwijsredactie ontwikkeld. Een voorbeeld vindt u hier.

dinsdag 15 november 2011

Leraar heeft geen tijd om te experimenteren met ICT-gebruik in zijn les!

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Leraar heeft geen tijd om te experimenteren met ICT-gebruik in zijn les!”  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

‘De werknemer 2.0 trekt het werk niet naar zich toe, maar inspireert en daagt anderen uit een bijdrage te leveren’ was gisteren de spreuk van de dag op de Coachingskalender. Na de discussie viel mijn oog er op. Het sluit mooi aan op de discussie van vandaag. Of beter nog: het geeft mooi weer waar we in het onderwijs dagelijks mee bezig zijn! Kinderen inspireren en uitdagen, zodat ze zelf aan de slag gaan en daar ook gemotiveerd voor zijn. Daar ben je niet in je eentje mee bezig. Je hebt een team van collega’s om je heen, die datzelfde doen. Werknemer 2.0, of in dit kader Leraar 2.0, betekent dan ook dat je deelt met je collega’s: opgedane ervaringen, kennis, ideeën, materialen. Elkaar enthousiast maken en samen het wiel uitvinden.

Als het gaat om het gebruiken van ICT in de les valt er heel wat te delen met elkaar. Wat zijn er veel mogelijkheden en tools die je in kunt zetten! Haast oneindig veel! En dat is meteen een verzuchting die regelmatig klinkt: ‘Er zijn zoveel mogelijkheden, ik weet niet waar ik moet beginnen!’ Geen overzicht dus. Daar is prima op in te spelen in dit geval. Er zijn diverse sites met complete overzichten van zeer handige tools, programma’s, tips en trucs speciaal gericht op het onderwijs. Zelf op zoek gaan is niet nodig, dat hebben anderen al gedaan! En wil je het nog concreter? Of zelf op papier? Dat kan! Denk aan bijvoorbeeld BoekTweePuntNul of onze eigen ‘Lessen met ICT’. Je kunt zo aan de slag!

Zo gemakkelijk blijkt het echter ook weer niet. ‘Ik zal toch eerst het één en ander moeten uitproberen voordat ik het zomaar in mijn les kan gebruiken!’ zo is een veel gehoorde opmerking. En zo is het ook. Je zult je moeten voorbereiden op je les en dus zelf moeten gaan uitproberen, bijstellen, passend maken voor jouw les, jouw situatie en jouw leerlingen. Dat kost tijd!

En daarmee zijn we bij de stelling van deze discussie. Leraren hebben immers geen tijd?! Er zijn zoveel zaken, naast het lesgeven, die ook tijd kosten. Er wordt steeds meer van scholen en dus van leraren gevraagd. ‘Ik weet dat je veel met ICT kan in je les, maar het kost me zoveel tijd om me daar in te verdiepen! Die tijd heb ik gewoon niet!’
Anderen brengen daar tegen in, dat het inzetten van ICT juist ook weer tijd oplevert. Je investeert eerst tijd, maar die verdien je later weer terug! Denken op de langere termijn dus! Investeren in efficiëntie, kwaliteit en verrijking van je lessen. Helaas leeft breed het gevoel, dat het gebruik van ICT-middelen meer tijd kost, dan dat het tijd oplevert. En dus wordt er voor gekozen om de kostbare tijd maar anders in te zetten.

Dat is het conflict waar vele ICT-coördinatoren en ICT-enthousiaste leraren dagelijks tegen aan lopen. Zelf de voordelen zien, deze ook delen, maar de boodschap komt niet over! Frustraties over en weer. Is het: niet kunnen? Niet willen? Heeft het te maken met persoonlijkheid of mentaliteit? Met overvraagt worden? Faalangst? Angst om de vertrouwde werkwijze en methodes los te laten?

Móet je dan perse ICT-middelen inzetten? Het is maar één van de middelen en niet altijd per definitie beter. Toch? Aan de andere kant: kinderen groeien op in een wereld waar ICT zo in verweven is, dat je er binnen het onderwijs niet omheen kunt. Niet willen gebruiken in je les is dus eigenlijk geen optie. Tenzij goed onderbouwd! Er kunnen goede redenen zijn om de computer niet in te zetten, maar ándere middelen in te zetten. Als leraar ga je uit van je lesdoelen en de specifieke doelen voor individuele leerlingen. Op basis van zijn professionaliteit kan de leraar er voor kiezen om een ander middel te gebruiken, omdat hij/zij inschat, dat daarmee de doelen beter gehaald zullen worden. Deze keuze mag dan echter niet voortkomen uit het niet kennen van de middelen, gebrek aan eigen vaardigheden, onwil, niks met computers hebben, enzovoort. Het moet dan echt een didactische keuze zijn.

Om alle leraren op dat niveau keuzes te laten maken, zal er ruimte moeten zijn voor kennis delen, voor samen ontwikkelen, voor scholing en dat alles vanuit een duidelijke visie op onderwijs. Het vraagt om leraren, die boven de leerstof staan en het curriculum kennen. Leraren die zelf arrangeren om de leerlingen optimaal te kunnen laten leren. Die durven te experimenteren en naar nieuwe wegen durven zoeken. Daarin hoef je niet het wiel zelf uit te vinden. Maak gebruik van de kennis van je ICT-coördinator en van andere collega’s.
Terecht werd tijdens de discussie opgemerkt, dat dat niet alleen voor ICT-middelen geldt, maar voor alle middelen. Wat doe je als je zelf niet muzikaal bent, maar een collega wel? Wat kun je dan aan elkaar hebben? Heb je moed om je collega om hulp te vragen? Of de mogelijkheid te onderzoek om je collega in jouw klas muziek te laten geven en jij in zijn klas geschiedenis? Heb je het lef om eens iets nieuws uit te proberen, zonder direct zicht te hebben op het verloop en de resultaten? Durf je jezelf te ontplooien?

Experimenteren hoeft niet iets groots en geweldigs te zijn. Gebruik eens een andere tool voor je wiskundeles, laat het boekverslag eens op een andere manier doen, laat je leerlingen een presentatie maken met Prezi in plaats van Powerpoint, probeer eens een kant en klare les uit rond een web 2.0-toepassing. Ervaar eens wat het doet met jezelf en vooral ook met de leerlingen. Laat je collega’s ook zien wat leerlingen gedaan hebben of beter nog: laat het hen zelf presenteren!
Begin met wat je wilt bereiken en ga dan op zoek naar mogelijkheden om dat te bereiken. En nogmaals: Heb je zelf niet de ideeën, vraag dan je ICT-coördinator of andere collega’s om raad. Maak gebruik van andermans expertise! En wat de tijd betreft: Tijd heb je niet, maar tijd maak je!

En voor de ICT-coördinatoren en –enthousiastelingen: Waak ervoor je collega’s te overvoeren. Durf te doseren! Doe niet alsof er niets anders bestaat dan ICT, alsof ICT gebruiken in je les de zevende hemel is. LAKS dus: Langzaam Aan in Kleine Stapjes! En begin niet bij het middel, maar bij het te bereiken doel! Laat van daar uit de meerwaarde zien.

Was je niet in de gelegenheid om mee te doen met de discussie, maar heb je wel een standpunt hier over? Reageer dan op dit blog of via de LinkedIn-groep De toekomst voor onderwijs en ICT.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je alle tijdens de discussie genoemde linkjes en ook die van alle voorgaande discussies.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @amberwalraven , @Sjaboepaan , @TwietAnita , @pavl , @GUPAGEBO , @jvennink , @karinwinters , @ruudleuverink , @J_Karstens , @pbkoning71 , @jelmerevers , @JannekeGielisse , @devlies , @RicardoEshuis , @dancing_prinzes, @jong_leren

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen 12.00 uur en 13.00 uur op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

vrijdag 28 oktober 2011

Lessen met ICT: Het nieuws van de dag met Memolane

De trainers van Station to Station publiceren iedere twee weken een complete innovatieve les om leerkrachten te stimuleren met ICT aan de slag te gaan. De lessen staan altijd in het teken van een onderwijskundig doel waarbij een gratis toepassing op internet als hulpmiddel gebruikt wordt om een les leerzamer, boeiender en interactiever te maken.

Deze week de les 'Het nieuws van de dag met Memolane'

Memolane is een website, waarmee je online alles wat je deelt via de Sociale Media op een tijdlijn kunt zetten. Het biedt ook de mogelijkheid om dat samen met anderen te doen. Bijvoorbeeld om een gezamenlijke tijdlijn te maken rond een bepaalde gebeurtenis, zoals een vakantie, een project of de actualiteit.
Deze tool hebben we ook beschreven voor BoekTweePuntNul, een boek waarin 125 web 2.0-toepassingen worden besproken, beschreven door 125 verschillende auteurs.Aanvullend hierop hebben we een lesbrief gemaakt als voorbeeld hoe de tool concreet en doelgericht ingezet kan worden als lesmiddel.

In deze les zoomen we in op het Social Media-gedrag van leerlingen. Mediawijsheid dus! De wat oudere leerlingen, vanaf zeg maar de bovenbouw van het PO, delen heel informatie met anderen via bijvoorbeeld Facebook of Twitter: over wat hen bezig houdt, over gebeurtenissen in hun dagelijkse leven of in het nieuws, over hun hobby, hun sportactiviteiten, enzovoort. De doelgroep is afhankelijk van het medium, dat gebruikt wordt. Ook de gebruikte instellingen voor privacy spelen een rol.
Niet alles wat je deelt is voor anderen waardevol.  Het ene bericht is heel persoonlijk, het andere meer algemeen.  Maar welke informatie die je deelt via de Sociale Media is wél zinvol voor anderen? Bijvoorbeeld omdat je reflecteert op het nieuws van de dag, een nieuwtje meldt over de buurt waar je woont of de school waar je op zit, de successen van je sportclub?
In deze les kijken de leerlingen kritisch naar de berichten, die ze delen via de Sociale Media. Op basis van met elkaar opgestelde criteria beoordelen ze de nieuwswaarde ervan voor anderen. De les is bedoeld voor leerlingen uit de onderbouw van het VO, maar ook geschikt voor oudere leerlingen.

Je kunt het lesmateriaal downloaden op de website van Station to Station.

Memolane zou in het PO ook gebruikt kunnen worden in combinatie met de les 'Klassendagboek met Twitter'.


Memolane - See, Search & Share from Memolane on Vimeo.

We stellen het erg op prijs als leerkrachten hun ervaringen met ons delen. Dat kan door een bericht achter te laten op ons Blog, te Twitteren naar @netwijs of te reageren via email info@stationtostation.nl
Heeft u ook een innovatieve les gemaakt of heeft u een innovatieve ICT toepassing die u geschikt vindt. Mail ons uw les of lesidee.

P.S. Wist u dat scholen die het C3LO netwerk hebben iedere twee weken een nieuwe les op het netwerk krijgen die door de leerlingen zelfstandig verwerkt kan worden? Deze wordt door onze onderwijsredactie ontwikkeld. Een voorbeeld vindt u hier

donderdag 6 oktober 2011

Lessen met ICT: Ik ben een held.

De trainers van Station to Station publiceren iedere twee weken een complete innovatieve les om leerkrachten te stimuleren met ICT aan de slag te gaan. De lessen staan altijd in het teken van een onderwijskundig doel waarbij een gratis toepassing op internet als hulpmiddel gebruikt wordt om een les leerzamer, boeiender en interactiever te maken.

Deze week de les Ik ben een held

In het kader van de Kinderboekenweek 2011 is het een logische zaak om eens met de leerlingen te werken aan ‘heldendom’. Nagenoeg iedere school heeft in de schoolgids één of meer paragrafen staan over ‘De veilige school’. Leerlingen moeten zich op school prettig, geaccepteerd en veilig voelen. Het is een belangrijke taak van de school om dit te bewerkstelligen, niet in de laatste plaats omdat dit voorwaarde is voor een klimaat waarin iedere leerling optimaal kan leren en leven.
Er is een direct verband tussen ‘De veilige school’ en de gepresenteerde les. Leerlingen gaan in deze les na, dat iedereen een held kan worden, door eenvoudige dingen te doen of juist na te laten, waardoor het voor jezelf en anderen plezierig wordt.
Leerlingen maken een weekkalender, waarin ze per dag een heldendaad gaan plannen voor zichzelf. In de les wordt aangetoond dat ook betrekkelijk eenvoudige inzet van ICT hier kan bijdragen.

Je kunt het lesmateriaal downloaden op de website van Station to Station.

We stellen het erg op prijs als leerkrachten hun ervaringen met ons delen. Dat kan door een bericht achter te laten op ons Blog, te Twitteren naar @netwijs of te reageren via email info@stationtostation.nl
Heeft u ook een innovatieve les gemaakt of heeft u een innovatieve ICT toepassing die u geschikt vindt. Mail ons uw les of lesidee.

P.S. Wist u dat scholen die het C3LO netwerk hebben iedere twee weken een nieuwe les op het netwerk krijgen die door de leerlingen zelfstandig verwerkt kan worden? Deze wordt door onze onderwijsredactie ontwikkeld. Een voorbeeld vindt u hier

dinsdag 5 juli 2011

Gebruik maken van sjablonen scheelt de leerkracht tijd en verhoogt de leskwaliteit

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Gebruik maken van sjablonen scheelt de leerkracht tijd en verhoogt de leskwaliteit”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

In de blogpost van gisteren pleit Johan Menzinga, onderwijsadviseur bij Station-to-Station, voor het gebruik van sjablonen voor het maken van lesmateriaal. Het zorgt voor éénduidigheid, structuur, duidelijke verwachtingen en criteria. Goed voor de kwaliteit dus! Bovendien scheelt het tijd: Met behulp van een goed sjabloon is met een beperkt aantal aanpassingen zo weer een nieuwe les of opdracht in elkaar te zetten. Toch wordt er in de praktijk nog weinig gebruik van gemaakt.

Velen zullen wellicht, net als één van de discussiedeelnemers, terugdenken aan hun opleiding waarvoor vele lesschetsen of lesvoorbereidingsformulieren ingevuld moesten worden. Sommigen vonden het prettig, bij anderen hing het al snel de keel uit! Het kostte aan de ene kant tijd, aan de andere kant zorgde het er wel voor, dat de les goed voorbereid was. De vraag is of je dat voor alle lessen moet blijven doen. Zeker wanneer lessen vanuit de methode worden gegeven, wordt de structuur, de inhoud en de vormgeving van de les je al aangereikt. Bij de meer vrije lessen is dat vaak niet het geval. Juist dan ontstaan de problemen. Het verschil tussen het meer geregisseerde aan de ene kant en het vrije aan de andere kant is te groot. Zowel voor de leerkracht als de leerling heeft dat consequenties.

Tijdens de discussie hierover waren we het snel eens over het feit, dat sjablonen inderdaad voordelen oplevert. We noemen allereerst enkele voorbeelden waarbij sjablonen ingezet kunnen worden:
  • voor het voorbereiden van de les
  • voor de instructie (bijvoorbeeld op het digibord)
  • voor de verwerkingsopdracht
  • voor de beoordeling van opdrachten
  • voor handelings- en groepsplannen
  • voor observaties
  • voor notulen en gespreksverslagen
Het werken met sjablonen heeft meerdere voordelen:
  • structuur voor zowel de leerkracht als de leerling – het geeft houvast, fungeert als leidraad of checklist
  • eenduidigheid wat betreft opmaak, lay-out en inhoud en daarmee herkenbaarheid
  • betere kwaliteit –alle belangrijke onderdelen komen aan de orde
  • betere aansluiting op de onderwijsvisie – de sjabloon helpt om de les en het lesmateriaal zo te ontwerpen zoals past bij de visie op leren van de school
  • tijdbesparing – sjablonen kunnen met beperkte aanpassingen geschikt gemaakt worden voor een andere les, een andere groep of een andere context
  • ontworpen lessen en materialen zijn goed door andere collega’s te gebruiken met soms beperkte aanpassingen
Tegelijk zijn er ook aandachtspunten te noemen:
  • Niet iedereen is in staat een goed sjabloon te maken, zeker als het digitaal moet. De IB-er en de ICT-er zullen dus een belangrijke ondersteunende rol moeten vervullen. Vanuit de directie zal gekeken moeten worden naar benodigde competenties.
  • Er zullen duidelijke afspraken moeten zijn over de opmaak, de lay-out en het centraal opslaan van de sjablonen.
  • Het daadwerkelijk gebruiken van de sjablonen en het delen van materialen zal gestimuleerd moeten worden vanuit de directie. Het vraagt om discipline en vaak om een gedragsverandering binnen de school.
  • Zeker in de beginfase is een zekere tijdsinvestering nodig. In het taakbeleid zou dat een aandachtspunt moeten zijn.
  • Het gevaar bestaat, dat er te star wordt omgegaan met sjablonen zodat het een keurslijf wordt. Zeker waar het de leerlingen betreft is het van belang ruimte te laten voor en rekening te houden met hun eigen inbreng en leerstijl. Ook zal het gebruikte sjabloon naarmate de leerling ouder wordt steeds minder sturend moeten zijn en minder aanreiken, waardoor er meer uit de leerling zelf moet komen.
  • Om de kwaliteit te bewaken is het verstandig, dat iemand binnen de school redactioneel verantwoordelijk is: even controleren of het gedeelde materiaal voldoet aan de afgesproken eisen.
Opvallend overigens, dat veel leerkrachten zonder bezwaar de lesmethoden volgen, maar wel bezwaren hebben wanneer er binnen de school een sjabloon of format wordt aangereikt. Waar zou dat in zitten? Die vraag is in de discussie nog blijven liggen.

Tot zover het uitgewerkte verslag van de discussie. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je nog enkele bijbehorende interessante aanvullende links, die genoemd werden tijdens de discussie. Heb je zelf nog aanvullende opmerkingen, ideeën of ervaringen? Reageer op dit blog!.

Heb je zelf een suggestie voor een interessant discussie-onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @jvennink , @Gijs1982 , @moniquesparla , @GUPAGEBO , @Sjaboepaan , @michelboer, @jaap_w

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

dinsdag 31 mei 2011

Lessen maken met ICT: Verken je omgeving met Wikimapia

De trainers van Station to Station publiceren iedere twee weken een complete innovatieve les om leerkrachten te stimuleren met ICT aan de slag te gaan. De lessen staan altijd in het teken van een onderwijskundig doel waarbij een gratis toepassing op internet als hulpmiddel gebruikt wordt om een les leerzamer, boeiender en interactiever te maken.

Deze week de les ‘Verken je omgeving met WikiMapia’

Al vanaf het moment van hun geboorte beginnen kinderen zich te oriënteren in hun omgeving. Ouders en leerkrachten spelen daarbij een belangrijke stimulerende rol. Langzamerhand wordt de bekende omgeving groter en krijgt alles steeds meer betekenis. Straten, gebouwen, bezienswaardigheden en interessante plekken worden steeds meer herkend.
WikiMapia biedt de mogelijkheid om het verkennen en herkennen van de eigen omgeving te stimuleren. WikiMapia is een interactieve kaart die gebruik maakt van GoogleMaps. Bezoekers kunnen plaatsen op de kaart markeren en daar vervolgens een omschrijving aan toevoegen en deze ook categoriseren. Motiverend en leerzaam voor de leerling en meteen ook betekenisvol voor anderen.

Je kunt het lesmateriaal downloaden op de website van Netwijs.

We stellen het erg op prijs als leerkrachten hun ervaringen met ons delen. Dat kan door een bericht achter te laten op ons Blog, te Twitteren naar @netwijs of te reageren via email naar info@netwijs.info
Heeft u ook een innovatieve les gemaakt of heeft u een innovatieve ICT toepassing die u geschikt vindt. Mail ons uw les of lesidee: info@netwijs.info

dinsdag 17 mei 2011

Lessen arrangeren en lesmateriaal maken moet worden opgenomen in taakbeleid

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Lessen arrangeren en lesmateriaal maken moet worden opgenomen in taakbeleid”.  In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Onlangs was ik met een groep leerkrachten verschillende web2.0-toepassingen aan het bekijken vanuit de vraag hoe ze deze zouden kunnen inzetten voor de begaafde leerlingen op hun school. Het enthousiasme om hier iets mee te doen groeide. Toch kwam uiteindelijk ook weer naar voren: het liefst willen we kant-en-klaar materiaal hierbij. Want zelf toepassingen zoeken en lesmateriaal ontwikkelen, kost veel te veel tijd. Ik hoor dat niet voor het eerst.

Ook uit recente onderzoeken blijkt, dat leerkrachten op zoek zijn naar en behoefte hebben aan kwalitatief goed materiaal waarmee gedeelten van het methodemateriaal vervangen of aangevuld kunnen worden. De aanleiding kan heel verschillend zijn. De behoefte en de noodzaak om te kunnen differentiëren is daarbij een hele belangrijke. Ontevredenheid met (onderdelen van) de methode eveneens.

Er is dus sprake van een groeiende behoefte enerzijds, maar een gebrek aan tijd anderzijds. Zou het opnemen in het taakbeleid daarvoor een oplossing kunnen zijn? Leerkrachten daadwerkelijk meer de ruimte geven om op zoek te gaan naar geschikt materiaal, dan wel deze te ontwikkelen?

In de discussie kwam naar voren, dat dat niet het enige is wat speelt. Een opsomming:

Visie
De eerste vraag, die altijd beantwoord moet worden, is hoe het maken van lesmateriaal en arrangeren van lessen past in de visie van de school. Is dat niet duidelijk, dan ligt daar een belangrijke uitdaging. Willen we dit met elkaar of niet en waarom?

Ambitie
Vanuit de visie moet concreet gemaakt worden waar precies behoefte aan is en hoe de gewenste situatie er uit ziet.

Passie
Verschillende leerkrachten  hebben zelf een bepaalde nieuwsgierigheid om te gaan zoeken naar mogelijkheden en gaan zelf aan het experimenteren. Anderen moeten eerst goede voorbeelden zien, inspiratie opdoen en dingen aangereikt krijgen. Wat hebben we met elkaar nodig om samen enthousiast te worden en de uitdaging te zien?

Actie
Inmiddels is er al het nodige digitale materiaal beschikbaar en zijn ook tal van toepassingen te vinden die zeer geschikt zijn om te gebruiken. Maar waar vind je die op een efficiënte manier? En is dat geschikt en passend bij de visie, de ambitie en de onderwijssituatie? Deze zoekvaardigheid is een belangrijk aandachtspunt om tot succes te komen. Het vereist de nodige vaardigheden.

Creatie
Wanneer dan geschikte materialen en toepassingen gevonden zijn, moet het nog op maat gemaakt worden. Is er niets geschikts gevonden, dan zal er zelf iets ontwikkelt moeten worden. In beide gevallen vraagt dat eveneens om specifieke vaardigheden.

Het is de uitdaging van de schoolleider om aan dit hele proces sturing te geven. Wil ik hier als team mee aan de slag? Wil ik dat we ons hier allemaal in bekwamen? Of kijk ik in mijn team wie al de nodige kwaliteiten heeft om dit op te pakken? Kan ik een werkgroep faciliteren om voor het hele team materiaal te ontwikkelen? Het vraagt om een goed beeld van de ambitie enerzijds en de beschikbare mogelijkheden anderzijds. Er zullen keuzes gemaakt moeten worden. Net als geld kan ook tijd maar één keer gespendeerd worden.

Nog een interessante vraag: Welke rol kunnen onderwijskundigen, die via een academische Pabo het onderwijs in stromen hierin spelen? Met hun kennis en expertise zou een belangrijke impuls gegeven kunnen worden aan het proces.

Tijdens de discussie werden verschillende recente onderzoeken ingebracht:
Bovenstaande onderzoeken geven weer de nodige stof tot nadenken en discussie. Waar we het echter over eens kunnen zijn, is het feit dat er duidelijke veranderingen gaande zijn en noodzakelijk zijn in het onderwijs mede ook ingegeven door bijvoorbeeld de plannen rond Passend Onderwijs. Arrangeren van lessen en ontwikkelen van geschikte materialen voor de eigen onderwijssituatie zijn nodig. Leerkrachten kunnen dat er vaak niet extra bij doen. Goed onderwijsmateriaal vinden, maken en inzetten kost tijd! Faciliteren via taakbeleid en scholingsbeleid is een voorwaarde. Er zullen dus keuzes gemaakt moeten worden. Ook daarbij kan ICT wellicht weer een rol spelen in het bewerkstelligen van meer efficiëntie.

Ontwikkelen van digitaal lesmateriaal gaat hand in hand met ontwikkelen van visie en beleid en met ontwikkelen van mensen. Hand in hand op weg naar echt passend onderwijs voor iedereen.

Tot zover het uitgewerkte verslag van de discussie. Op discussiedinsdag.yurls.net vind je van alle discussies de bijbehorende interessante aanvullende links, die genoemd werden tijdens de discussies. Heb je zelf een suggestie voor een interessant onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @pavl , @florinablokland , @JaapSoft , @Mennovh , @MarcelMarkvoort , @mariekemove , @Wiswijzer2 , @janwn , @jeroenjeremy , @jaap_w , @PascalMarcelis , @jelmerevers

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

donderdag 28 april 2011

Engelse woorden leren met WRTS

Het leren van woorden uit een vreemde taal is meestal een saaie bezigheid. Wie herinnert zich niet uit de middelbare schooltijd het droge stampwerk? En vaak had je iemand nodig die bereid was je te overhoren.
Met behulp van ICT kan dit een stuk leuker.

Op www.wrts.nl is het mogelijk om de woorden in te tikken, waarna de computer je kan overhoren op diverse manieren, zelfs met auditieve ondersteuning.

Leerlingen van de bovenbouw kun je actief bij dit proces betrekken door hen zelf de woorden te laten intypen (bijvoorbeeld uit de methode Engels). Extra boeiend is het wanneer ze er extra woorden aan toevoegen (passend bij het actuele thema), die ze op het internet kunnen laten vertalen. Dat is mogelijk op http://translate.google.nl. Leerlingen kunnen hier Nederlandse woorden intypen, welke vervolgens door de site worden vertaald en uitgesproken.

Op deze wijze ontstaan er woordenlijsten waarmee op school, maar ook thuis geoefend kan worden.

Wrts is een geheel gratis toepassing die niet op de computer geïnstalleerd wordt. Het enige dat nodig is, is een account op Wrts waarmee op elke willekeurige werkplek met internetverbinding de woordenlijst geoefend kunnen worden.

Dat betekent dat wanneer ouders thuis een account nemen op Wrts, hun kind ook thuis met de op school gemaakte woordenlijsten kunnen oefenen. De leerkracht moet in dat geval de woordenlijsten 'openbaar' zetten, waardoor gebruikers thuis de woordenlijsten in hun eigen account kunnen binnenhalen.

Overigens is Wrts niet alleen geschikt voor het leren van woorden (en ook zinnen) uit een vreemde taal, maar je kunt er ook synoniemen, werkwoordsvormen, vergelijkingen en dergelijke mee oefenen.

De gemaakte woordenlijsten blijven uiteraard beschikbaar op internet. Op deze wijze kan een archief van woordenlijsten worden aangemaakt, die ieder jaar opnieuw beschikbaar zijn.

Uitleg voor leerkracht en leerling voor deze lesactiviteit (en andere lessen) vindt u op deze site.

woensdag 23 maart 2011

Lessen met ICT: Een Lente-muurkrant met Popplet

De trainers van Station to Station publiceren iedere twee weken een complete innovatieve les om leerkrachten te stimuleren met ICT aan de slag te gaan. De lessen staan altijd in het teken van een onderwijskundig doel waarbij een gratis toepassing op internet als hulpmiddel gebruikt wordt om een les leerzamer, boeiender en interactiever te maken.

Deze week de les 'Een lente-muurkrant met Popplet'

Popplet is een eenvoudige online applicatie waarmee een digitale muurkrant gemaakt kan worden. Het is ook te geschikt voor de Ipad. U kunt Popplet ook gebruiken om een eenvoudige Mindmap te maken. In de muurkrant kan gebruik worden gemaakt van afbeeldingen, teksten, tekeningetjes en YouTube-filmpjes. De gemaakte muurkrant kan worden gedeeld met anderen, ook om samen te werken aan één muurkrant.

Je kunt het lesmateriaal downloaden op de website van Netwijs.

We zouden het erg op prijs stellen als leerkrachten hun ervaringen met ons delen. Dat kan door een bericht achter te laten op ons Blog, te Twitteren naar @netwijs of te reageren via email naar info@netwijs.info

Heeft u ook een innovatieve les gemaakt of heeft u een innovatieve ICT toepassing die u geschikt vindt. Mail ons uw les of lesidee: info@netwijs.info

dinsdag 8 maart 2011

Met welk digitaal leermateriaal zou jouw school echt geholpen zijn?

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Met welk digitaal leermateriaal zou jouw school echt geholpen zijn?” In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Er is her en der op het internet heel wat digitaal leermateriaal te vinden. Diverse websites en platforms met een breed aanbod. Maar is daar ook te vinden waar je als school echt op zit te wachten? Waar ligt op dit gebied de behoefte? En aan welke criteria moet dit digitale leermateriaal voldoen?

Materiaal voor het bevorderen van sociale vaardigheden werd als eerste genoemd. Daarbij werd gedacht aan games waarin leerlingen interactief bezig zijn. Een game kan heel motiverend werken en ook een stukje veiligheid bieden bij onderwerpen waarover leerlingen in een groep moeilijk durven te praten of geneigd zijn sociaal wenselijke antwoorden te geven. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan pesten. Uiteraard blijft het een oefensituatie en is daarbij altijd een vertaling naar de praktijk nodig.

Ook werd ingebracht: materiaal op het gebied van Taal en Spelling. Voor bijvoorbeeld Rekenen is er veel beschikbaar, maar voor deze vakken veel minder of Engelstalig. Hier zou veel meer voor beschikbaar moeten komen. Daarbij wordt gedacht aan materialen voor het geven van instructie, maar ook om te oefenen en dan het liefst met mogelijkheden voor interactie, ontdekken en ervaren.

Digitaal materiaal hoeft niet te bestaan uit kant en klare pakketten met alles er op en er aan. Er is ook behoefte aan losse methode-onafhankelijke digitale leermaterialen: videofragmenten, gereedschappen, toetsen, objecten, leereenheden. Op basis van de leerlijnen en in combinatie met andere materialen kunnen leerkrachten dan zelf de lessen arrangeren. Dat vereist overigens wel de nodige kennis en vaardigheden.

Belangrijke opmerking met betrekking tot het digibord: Zorg dat de lessen voor alle borden bruikbaar zijn door gebruik van het iwb-formaat. Het wordt tijd dat er meer eenduidigheid komt. In een eerdere #netwijs-discussie hebben we dat al eens besproken.

Digitale materialen zijn er in allerlei vormen. Van gedigitaliseerde lesboeken tot interactieve edugames. De vraag daarbij is altijd: Hoe ga je het als leerkracht inzetten vanuit je lesdoelen? En weet je daarbij de juiste vragen te stellen en de leerlingen te faciliteren. Net als in eerdere discussies werd Sugata Mitra ingebracht als voorbeeld. Door leerlingen in groepjes te laten samenwerken en hen de juiste vragen te stellen, komen ze tot grootse resultaten. Daarbij hebben ze niet allemaal een eigen laptop nodig, maar kunnen ze met één per groepje prima uit de voeten.

Naast een goed aanbod van materiaal is het van belang, dat leerkrachten inzien, dat ook zonder de aanschaf van duur materiaal eigentijds onderwijs te geven is. Er zijn genoeg voorbeelden van gratis toegankelijke en beschikbare middelen. Daarbij speelt de professie van de leerkracht een belangrijke rol. Daar ligt een aardige uitdaging.

De noodzaak om ICT veel meer een plek te geven in het onderwijs kwam ook naar voren in een artikel op Onderwijs Brabant. Het motiveren van de leerlingen, maar ook het verkleinen van het gat tussen het onderwijs en de maatschappij. Twee belangrijke uitdagingen waar het onderwijs gezamenlijk met de vele aanbieders van materialen en middelen hun tanden in kunnen zetten!
Tot zover het verslag van de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen, maar heb je wel waardevolle aanvullingen, opmerkingen of interessante links? Plaats jouw reactie onder deze blogpost.

Op discussiedinsdag.yurls.net vind je van alle discussies de bijbehorende interessante aanvullende links, die genoemd werden tijdens de discussies. Heb je zelf een suggestie voor een interessant onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @tboutkan , @meeszwan , @thijsdevries , @florinablokland , @mariekemove , @marboneveld , @Marcelmarkvoort , @JelvanRijn

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!

dinsdag 1 maart 2011

Als ICT-budget geen issue was

Het onderwerp vandaag op Discussie Dinsdag was “Als ICT-budget geen issue was, dan …?” In dit artikel een uitgewerkte samenvatting.

Met dit onderwerp gaan we niet op zoek naar luchtkastelen. Budget wordt vaak als snel aangedragen als reden waarom de inzet van ICT in het onderwijs niet gaat zoals iedereen zou willen. Maar wat wil iedereen dan precies en waarom? Stel nu, dat je de vrije hand hebt wat betreft budget, wat ga je dan aanschaffen en/of doen? Waar zou je heen willen als het gaat om integratie van ICT in je onderwijs?

Goede apparatuur
Het eerste, dat genoemd werd, was het vervangen van alle verouderde computers. Niet kijken naar de minimale eisen, maar gaan voor een optimale configuratie. De software die beschikbaar komt voor het onderwijs stelt steeds hogere dan wel andere eisen aan de computers, maar ook aan de netwerken. Scholen hebben dan als snel weer het gevoel achter de feiten aan te lopen. Een belangrijk punt is dus het zorgen dat de infrastructuur meegroeit of aangepast wordt op datgene wat er mee gedaan moet worden. Heel concreet bijvoorbeeld: een kleinere harde schijf en in plaats een betere videokaart en meer werkgeheugen, want de computer hangt toch in een netwerk.
Aansluitend bij voorgaande: een serverloze school. Alle software staat “in the cloud” en alle documenten staan online opgeslagen. Een goede internetverbinding is dan noodzakelijk en ook in dit geval worden wat andere eisen gesteld aan de configuratie van de werkstations.
Kort samengevat: alles moet het altijd en overal doen.
Wanneer de apparatuur up-to-date is, wordt wellicht ook meteen de ICT-coördinator ontlast, die nu vaak geconfronteerd wordt met storingen als gevolg van onvoldoende capaciteit van bijvoorbeeld de werkstations. Daarnaast is de apparatuur dan ook sneller en profiteren dus alle gebruikers van minder wachttijd. Ook een goed servicecontract is daarbij haast een voorwaarde.

Scholing
Scholing werd ook als belangrijk punt genoemd. Goed werkende apparatuur is één ding, maar er goed mee werken hoort daar bij. Deels hangt dat samen, want mensen haken af als ze geen vertrouwen hebben in de apparatuur. Maar los daarvan: Vaak wordt er geïnvesteerd in de hardware, maar niet in de mensen, die er mee moeten werken. Dat gaat vanzelf wel, zo wordt vaak gedacht. In de praktijk blijkt, dat daardoor het rendement veel kleiner is, dan wanneer er geïnvesteerd was in scholing van de leerkrachten. Op de meeste scholen blijkt, dat de mogelijkheden van software, van digiborden, van laptops, van tablets of van wat ook maar is aangeschaft deels onbenut blijven. Uiteraard verschilt dat per leerkracht, maar feit blijft, dat er veel meer uit te halen valt. Voorwaarde is dan wel, dat er tijd en ruimte is voor het personeel om zich hier in te verdiepen en zicht dit eigen te maken. Het betreft dan overigens niet alleen de ICT-vaardigheden, maar ook kennis van de mogelijkheden en ook belangrijk: het klassenmanagement. Discussiepunt daarbij is wel in hoeverre scholing óók een eigen verantwoordelijkheid is van de leerkracht zélf.
Tijd voor de ICT-coördinator om het onderwijskundige proces te bewaken, collega’s te begeleiden, te overleggen met de directeur en de Intern Begeleider en beleidslijnen uit te zetten is daarbij eveneens een wens die leeft en nu vaak ondersneeuwt als gevolg van beperkte formatie en budget.

Elke leerling een eigen computer
Een andere wens is de aanschaf van tablets in plaats van computers. Ze zijn minder kwetsbaar dan laptops en hebben meer mogelijkheden. Ook zijn ze beter op te bergen en handzamer om mee te werken. Elke leerling een eigen computer (in welke vorm dan ook) biedt de leerkracht de mogelijkheid om de leerlingen veel meer op maat te laten werken. Daarnaast zijn er meer mogelijkheden voor de eigen inbreng van de leerling, wat zich vertaalt in een grotere leeropbrengst.
Anderen twijfelen overigens aan de noodzaak om voor elke leerling een eigen computer aan te schaffen, althans in het Primair Onderwijs. Leerlingen gaan vooralsnog echt niet alles op de computer doen en daarom kan er middels een goede organisatiestructuur ook prima met minder computers gewerkt worden. Alleen zul je dan wel moeten loslaten, dat alle leerlingen op hetzelfde moment ook hetzelfde doen.
De vraag kwam hierbij naar voren of er voldoende educatieve software is om echt onderwijs op maat te geven voor alle leerlingen in het geval ze allemaal een eigen computer zouden hebben. Het antwoord is ja. Maar waarom alleen educatieve software? Ook met andere software zijn er veel mogelijkheden voor het onderwijs. Daarbij zal er echter meer van de leerkracht worden gevraagd qua voorbereiding en creativiteit. Dan kun je zelfs met gratis middelen erg leuke en zinvolle opdrachten laten doen. Ook hier komen visie en vaardigheden weer om de hoek kijken.

Tegenstellingen
In de discussie werd gesignaleerd, dat voor wie de inzet van ICT in het onderwijs echt een uitdaging vindt eerder geneigd zal zijn om nieuwe computers, tablets of andere apparatuur zal wensen terwijl anderen eerder zouden willen investeren in tijd en scholing. Een deelnemer aan de discussie gaf daarbij aan: “Voorlopers investeren zélf in tijd. Volgers krijgen de middelen, maar veranderen omdat het moet.”

Wat zou nu de gemiddelde leerkracht antwoorden op de vraag wat hij of zij zou doen met ICT-geld. “Iets doen aan de hoeveelheid nakijkwerk! Dan gaan ze echt wel harder lopen!” voorspelde één van de discussiedeelnemers. En daar zijn natuurlijk mogelijkheden voor. Denk bijvoorbeeld aan de mogelijkheden met stemkastjes bij het digibord of digitale methodetoetsen. Kritische vraag daarbij: Kijken deze leerkrachten ook regelmatig naar de resultaten van het leerlingvolgsysteem van educatieve software? Gebruiken ze deze software ook om leerstofonderdelen te toetsen of wordt deze software alleen maar ingezet als extra oefenmiddel?
En wat als ze moesten kiezen tussen minder nakijkwerk of meer leerrendement of leerplezier? Daar wordt je immers uiteindelijk op afgerekend? En geeft dat ook niet meer voldoening? Een echt dilemma hoeft het overigens niet te zijn. Wanneer er goed over nagedacht wordt kan het ook prima gecombineerd worden.

Tot zover het verslag van de discussie. Was je niet in de gelegenheid om mee te doen, maar heb je wel waardevolle aanvullingen, opmerkingen of interessante links? Plaats jouw reactie onder deze blogpost.

Op discussiedinsdag.yurls.net vind je van alle discussies de bijbehorende interessante aanvullende links, die genoemd werden tijdens de discussies. Heb je zelf een suggestie voor een interessant onderwerp? Mail naar discussiedinsdag@gmail.com om het door te geven.

Aan deze discussie deden de volgende Tweeps mee:
@rinusd, @Netwijs , @henkheurter , @rvdzwan , @Gijs1982 , @Boupas , @gerritdekoster , @peterteriele , @Laagwater , @DeOverdracht , @henkvangils , @Bica10 , @Marathonkeje , @robertdevilee , @Kletskous

Volgende week weer een nieuwe discussie over een nieuw onderwerp!
#netwijs Discussie Dinsdag: elke dinsdag tussen twaalf en twee op Twitter. Discussieer mee over Onderwijs en ICT!